LURRIE BELL & HIS CHICAGO BLUES BAND @ MOD, HASSELT – 18/05/17

Bij leven al een legende! En dus was het reeds lang op voorhand uitkijken naar deze bluesman uit Chicago, waarmee de bluesclub in Hasselt het bluesseizoen afsloot. Van een ‘Windy City’ was er in Hasselt echter geen sprake. Het was daarentegen windvrij en broeierig heet in het bovenzaaltje, voor de gelegenheid getransformeerd tot een soort ‘Danny’s Guilliams’ Legends Bluesclub’ in navolging van deze van Buddy Guy of Rosa’s Lounge in Chicago. Van Lurrie Bell, zoon van bluesicoon Carey Bell, wordt soms gezegd dat hij een ‘getroebleerd genie’ is, wat hem niet belet om briljante blues uit zijn gitaar te toveren als weerspiegeling van de latente demonen in lijf en geest. 'Waar hij ook gaat, de blues volgt hem en laat hem niet met rust, hoe hij er ook van probeert weg te vluchten', zoals hij jaren geleden reeds in zijn ‘Mercurial Son’ album met zijn warme stem beleed.


In Hasselt echter overheersten bij het gitaarwonder Lurrie Bell vooral de positieve vibes. Recent nog ontving hij immers voor zijn laatste album ‘Can’t Shake This Feeling’ een ‘Blues Music Award’, een eer die hem ook al bewezen werd in 2014 met een BMA voor de doorleefde song ‘Blues In My Soul’. Die voldragen blues is een wezenskenmerk van de zanger/gitarist. De rusteloze bluesman doolde immers doorheen diepe dalen waar demonen en duivels hem kwelden. Ook het lot spaarde hem niet. Zijn muziek en vrienden hielpen hem er gelukkig doorheen en bovenop. Ook tijdens het clubconcert zag je hoe bassist Melvin Smith als een soort broederhoeder waakzaam toekeek. Met een codewoord reikte hij telkens de volgende titelsong aan, waarna Lurrie weer volledig opging in de nieuwe song, waarbij funk en ritmische blues afgewisseld werden met soulblues of een meer ingetogen ballad, zoals bij de klassieker ‘She’s Nineteen Years Old’, intens vertolkt alsof zijn hart erbij openscheurde. Het waren de laatste dagen van de band in Europa, na een hectische touragenda, zodat er toch enige vermoeienis doorschemerde in de ogen van Lurrie Bell. Aan zijn gepassioneerd gitaarspel was echter niets te merken en ook niet aan zijn herhaaldelijke aansporing om er gezamenlijk een ‘good time’ avond van te maken.

Uit alles bleek hoe Lurrie Bell vergroeid is met de blues, die in het huis van zijn vader niets anders hoorde. Amper zeventien jaar oud zat hij al in de band van Willie Dixon en in de late jaren zeventig richtte hij samen met harmonicaspeler Billy Branch de formatie ‘Sons Of Blues’ op, dat een vervolg kreeg met het album ‘The Sons of Blues Live ‘82’, waarmee een jonge generatie bluesmuzikanten zich aanmeldde. Dit maakte dat tijdens het ganse concert je volledig ondergedompeld werd in de sfeer en de sound van de Chicago blues, zoals die zich in alle decennia kon handhaven, ondanks economische crisissen of nieuwerwetse trends. Percussionist Willie Hayes en toetsenist Ronnie Hicks versterkten dat gevoel alsof je mocht delen in een stukje historie. Zowel in de instrumentale nummers als in de bluescovers of eigen songs leefde Lurrie Bell zich totaal in alsof hij iedere keer weer opnieuw op zoek ging naar reflecterende emoties en impressies in zijn schaduwrijke ziel. Voor zijn voeten vormden zich parelende zweetdruppels, afglijdend van armen en gitaar, als een kring van tranen. Zijn improvisatietalent, de finesses en de energie waarmee hij zijn gitaarsnaren bespeelde, werden meermaals op bewonderend applaus onthaald. ‘Wine Headed Woman’ met sprankelende pianobegeleiding, het aanstekelijke ‘Don’t You Lie to Me’, het vertragende ‘Hoochie Coochie Man’, in een bezwerend ritme, en de slowblues ‘She’s Nineteen Years Old’ waren in het eerste concertgedeelte meerdere hoogtepunten.

Ook in de het tweede concertluik bleef je gebiologeerd naar die handen van Lurrie Bell kijken, al bij het eerste ‘My Babe’ gevolgd door het bezielde ‘I’ll Play The Blues For You’ en het funky ‘Let’s Talk About Love’ . Hoe hij zich daarbij in zijn gitaarspel liet leiden door tastzin, gevoel, empathie, passie en intuïtie, alsof zijn gitaarspel iets is van uitsluitend hemzelf, kwam over als een mysterieuze verknochtheid en verstrengeling. Ook toen er een snaar brak en hij van gitaar moest wisselen leek hem dit niet echt te storen en kon hij nadien zijn hoogst persoonlijke conversatie met het vertrouwd instrument hervatten zoals bij het bloedstollend mooie ‘The Sky Is Crying’. Uit zijn laatste bekroond album plukte hij de titeltrack ‘Can’t Shake This Feeling’. Besluiten deden zij met de voodoo klassieker ‘Mojo Working’. Daartussenin nog het funky ‘Messin’ With The Kid’ van Junior Wells, die hij piëteitsvol de Godfather van de blues noemde, vergezeld van het dartel pianospel van Ronnie Hicks. Het waakzame flegma van de bassist en de drive en humor van de drummer maakten het plaatje van gedeeld broederschap compleet. Met ‘Home Sweet Chicago’ kondigde het viertal al voortijdig hun terugreis naar het thuisland aan, waar Lurrie Bell ongetwijfeld verder de blues zal uitdragen, zoals ook de Hasseltse bluesorganisatie ‘move2blues’, die onverdroten blijft investeren in dat verwaarloosd muziekgenre dat niettemin nooit zal uitsterven, wat men ook beweert. Want zonder blues ,‘I sure don’t want to live no more’, in de eigen woorden van bluesman Lurrie Bell, die nog geen zestig is en hopelijk nog lang mag leven en vaak mag terugkomen.

Marcie

Foto © Michel Verlinden

meer © Foto Michel Verlinden

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 


 

Artiest info
website  
facebook  

MOD, HASSELT - 18/05/17