MADELEINE PEYROUX @ AB, BRUSSEL – 24/05/17

 

Terwijl Melania Trump in de Brusselse hoofdstad een rondleiding kreeg zat er in het AB theater een andere 'grande dame' op het podium. Maar aan Madeleine Peiroux kan je een lange lijst van persoonlijke verdiensten koppelen, zowel als jazzzangeres, gitariste en als songschrijfster. Onderwijl liepen in de Brusselse straten nog betogers rond met het bord ‘Trump Not Welcome’, maar in het theater zelf bleven jazzliefhebbers en de fans van de veelzijdige Madeleine Peiroux toestromen. De artieste waardeerde de massale opkomst in een periode dat men toch bevreesd zou moeten zijn om nog naar buiten te komen, zeker nu ook muziekzalen geviseerd worden. In de loop van haar concert zou zij nog menige keer een toespeling maken op het onheilsklimaat rond de figuur van president Donald Trump. Hoe dan ook voegde zij tijdens het vertolken van de song ‘J’Ai Deux Amours’ ook Brussel toe in de opsomming, naast haar eigen land, Parijs, New Orleans en ook Brooklyn, dit laatste met een subtiele grimas..

Aan het begin van het concert riep de charmante zangeres echter vooralsnog op om niet stil te blijven staan bij de mogelijkheid van toekomstige rampspoed, maar het gewoon prettig te houden. Afwisselend schalks en rebels vertolkte zij op haar typische geëigende wijze haar meer bekende songs uit een muziekcarrière die al in haar tienerjaren als straatmuzikante begon, voorleer zij beroepsmatig verder ging met in 1996 haar eerste ‘Dreamland’ album. Haar laatste ‘Secular Hymns’, ergens in Oxfordshire in een kerk opgenomen, is haar achtste. Ook hieruit koos zij meerdere covers, maar op zulke wijze dat zij deze tot iets volledig eigens omtovert, immer geënt op haar persoonlijkheid, soms aanleunend bij straattheater dan weer bij New Orleans funk of Braziliaanse ritmes. Songs uit dat laatste album, -‘Everything I Do Gonh Be Funky (From Now On)’ van Allen Toussaint en de klassieker ‘If The Sea Was Whiskey’ van Willie Dixon-, kregen hierdoor een volledig nieuwe aankleding, die zij samen met contrabassist Barak Mori en gitarist Jon Herington aanstekelijk vertolkte. Beide zijn rasmuzikanten, die af en toe vocaal bijvielen of met droge humor op Madeleine’s speelse buien reageerden. Zijzelf begeleidde zich met gitaar of met guilele, een kleine akoestische gitaar, verwant met de ukelele, maar warmer van gloed. Vooral toen zij hiermee solo enkele nummers bracht werd je door dat warmtegevoel overspoeld.

De jazzzangeres vertelde met enige zelfspot dat zij maar drie soorten songs kent: blues, songs die over liefde gaan en deze over alcohol. In werkelijkheid kan zij alle muziekgenres aan: van een tango, chanson, variété, reggae tot een gospel of ballade, zoals het poëtische en breekbare ’Our Lady Of Pigalle’. Vooreerst echter knoopte zij aan bij het jazzy ‘Getting Some Fun Out Of Life’, tijdens dewelke zij haar twee muziekgezellen voorstelde, die immers ook op haar laatste album meespelen. Het volgende ludiek gebrachte ‘Hello Babe’ ontleende zij aan bluespionier Kansas Joe McCoy. Met haar gelaatsmimiek en haar feministische ongein kreeg zij daarbij de lachers op haar hand. Het bitterzoete ‘Tango Till They’re Sore’ van Tom Waits was een eerste hoogtepunt, waarna er nog vele zouden volgen. Haar frasering, haar spontaneïteit, narratieve vertrouwelijkheden, de intieme sfeer die zij creëert, het maakte allemaal deel uit van een memorabel concert van de bescheiden jazzzangeres, die soms met Billie Holiday vergeleken wordt. Van Sister Rosetta Tharpe vertolkte zij ‘Shout, Sister, Shout’, ook al een bluesheldin uit vooroorlogse tijd, en dit ter ere van de dames in de zaal. In ‘I Ain’t Got Nobody’ reveleerde zij haar politiek engagement en toonde zij zich solidair met de stemlozen, waarbij de contrabassist met strijkstok het onrecht leek te onderlijnen.

Die politieke lijn liep doorheen haar ganse concert, met zijdelingse toespeling op politici en de wanverhoudingen in de samenleving. Ook toen zij halverwege het concert alleen op het podium achterbleef, zich solo begeleidend met gitaar of guilele, hoorde je die ondertoon van droefenis in haar stem, zoals bij het ingetogen ‘Voir Un Ami Pleurer’ van Jacques Brel of de traditonal ‘Trampin’. Zelf heeft Madeleine Peiroux ook rondgereisd. Zij woonde zowel in New York en Zuid-Californië als in Frankrijk en is derhalve meertalig. Zij loofde trouwens ook de taalflexibiliteit van de Belgen, maar toen zij meende dat dit bij het Braziliaans/Portugese ‘Agua De Beber’ niet het geval zou zijn, werd dit ergens achter in de zaal op protest onthaald. Wanneer Cohens ‘Dance Me to The End of Love’ werd ingezet, met een fascinerende solo op contrabas, werd dit op zowel herkennings- als waarderingsapplaus onthaald. Gitarist en contrabassist ontpopten zich eens te meer als virtuozen toen zij in het parlando vertolkte ‘Careless Love’ met hun instrumenten een wederzijdse dialoog aangingen alsof bassnaren, strijkstok en gitaar een eigen identiteit kregen los van hun maestro’s. Dit was echter al in de toegift. Met het opvrolijkende ‘Getting Better’ werd het publiek de nacht ingestuurd, maar ook met een amper verhulde belofte in het laatste ‘Love Is Heaven To Me’, te weten ‘Long as freedom grows, I want to seek it, If it’s yes or no, It’s me who’ll speak it, 'Cause the lord, He knows, That this is heaven to me’.

Marcie

 


 

 

 

 

 


 

Artiest info
website  
facebook  

AB, BRUSSEL - 24/05/17