HANS THEESSINK @ KONINKLIJKE ZEILCLUB GRIMBERGEN – 22/09/10 |
||||||||||
|
|
Een tiener uit Enschede gaat in zijn geboortestad op stap in de hoop in een van de zeldzame platenzaken een blues Lp op de kop te tikken. Zojuist werd hij immers getroffen door een bliksemschicht, in zijn geval de countryblues van Big Bill Broonzy. De enige vinylplaat die men hem kan toestoppen is een plaat van een Dixielandband met daarop een swingende versie van de bluesklassieker ‘St. James Infirmary’. De prille zoeker maakt later van deze cover iets volledig eigens met het onnavolgbare ‘Theessink’ watermerk. Het typeert de persoon van zangergitarist Hans Theessink ten voeten uit. Het was slechts één van de vele anekdotes die Hans Theessink aan zijn aandachtig publiek vertelde in de overvolle Zeilclub te Grimbergen. Noch het laatzomerse terrasjesweer noch het megaconcert van U2 hadden de bluesfans kunnen weghouden van het soloconcert dat Hans daar ten beste gaf in de oergezellige zeilclub waar de geur van het water verre dromen wakker maakte op de tonen van ‘Sail Away’. De personages van inleider Luc met zijn gepekelde hese stem en de wereldwijze attente clubverantwoordelijke Klaus pasten wonderwel in dat decor. Hans Theessink had net een solotournee doorheen Engeland achter de rug en belandde via bootovertocht en autorit rechtstreeks in de zeilclub met een troubadourattitude alsof vermoeienis geen vat op hem heeft. De Nederlander met Deense nationaliteit, -maar al jaren residerend in Oostenrijk-, doorkruiste Amerika, Australië, Nieuw-Zeeland en Europa en gaat na België verder op weg naar Duitsland en Italië en nog verder naar Indië en Nepal. Maar overal reizen zijn gitaren met hem mee. Alle gitaarfreaks erkennen zijn vaardigheden en velen hebben dank zij zijn instructievideo’s heel wat bijgeleerd. Deze maand werd hem nog de Oostenrijkse ‘Amadeus Award’ toegekend in de categorie Jazz/World/Blues, wat hij niet vermeldde. Dat hij voor zijn laatste album ‘Visions’ net niet de hoofdprijs haalde voor ‘Acoustic Album Of the Year’, -uitgereikt door de ‘Blues Foundation’-, deelde hij dan weer wèl mee. Ook dat karakteriseert de bescheiden muzikant die inmiddels al circa vijfentwintig albums heeft uitgebracht. Gezeten op zijn stoel, het podium gestut door bierkratten, met drie gitaren en drie koffers aan zijn zijde, zette hij in met ‘Key To The Highway’, de toeschouwers inderdaad een glimp gunnend van wat de hemel zou kunnen zijn als Hans Theessink daar gitaar zou spelen, bijvoorbeeld slide op zijn Martin gitaar. In zijn concert kon je ervaren hoe vloeiend Hans blues, folk en ritmes versmelt en de countryblues van zijn idolen met veel respect herwerkt. De ‘Wayfaring Stranger’ krijgt zo een plaats naast ‘Walking The Dog’. Ook vergat hij niet te vermelden met wie hij de song had gespeeld zoals bijv. ‘Love Sweet Love’, dat hij tijdens een bluescruise samen met wijlen Charles Brown vertolkte. Uit het ‘Visions’ album, samen met Terry Evans opgenomen, koos hij het mooie bluesy ‘Demons’. Ergens op een intuïtief niveau lijkt hij vergroeid met de bluespioniers uit het Deltagebied zoals hij telkens die sound wist op te pikken die aan hen herinnert. Zo vertolkte hij met zijn warme stem ‘My Creole Belle’ van Mississippi John Hurt, ‘Sugar Babe’ van Mance Lipscomb en covers van Leadbelly en Blind Willie McTell alsof hij hen allen persoonlijk heeft gekend. De song ‘Big Bill’s Guitar’ kreeg zelfs een gewijde klank alsof hij diens gitaar nog steeds vasthield vooraleer het instrument voorgoed naar het museum verhuisde. Tevens blikte Hans terug op het evenement van zijn ‘Birthday Bash - opgenomen op dubbel-cd - en de vrienden die daar naar aanleiding van zijn 60ste verjaardag bijeen kwamen. Af en toe spoorde entertainer Hans Theessink het publiek aan om mee te zingen. De beste resultaten behaalde hij bij ‘Bourgeois Blues’, ‘Diddie Wa Diddie’ en in overtreffende trap bij ‘Baby Wants To Boogie’. Zijn slide gitaarspel en begeleidende voetstomp vuurden daarbij aan. Wanneer hij met slidegitaar het ritme opdreef groeide parallel het enthousiasme. Afgaande op de verrukte kreten geraakte het publiek gewoon in extase bij het opzwepende ‘Mabellene’. Zijn reizen en tournees maakte Theessink visueel door het beeldrijk in scène zetten van de situatie. Zo zag je hem zitten in de gezamenlijke kleedkamer met Johnny Cash, of hoe hij op het podium naast de tachtigjarige Rufus Thomas stond, die daar optrad in korte zilveren glitterbroek met witte pelslaarsjes aan. Of hoe hijzelf ergens belandt in een ‘nowhere’ gehucht in Ierland waar hij Guinness met Cola verwart en bijgevolg ook de effecten. Het emotioneel hoogtepunt kwam met het nostalgische ‘Sail Away’ met toepasselijk de sound van ‘eternal rolling of the tide’ en de weemoedige poëzie van ‘I will take you by the hand my love’. Naar het einde toe kwam een muzikant met de amicale naam Guy hem met banjo mee begeleiden. Zo bracht de traditional ‘Trouble In Mind’ (video) ook wat melancholische waas in het zaaltje omwille van de herinnering aan banjospeler Derroll Adams. In de Bis eindigde Hans, muzikant in hart en ziel, met ‘Will The Circle Be Unbroken’, hiermee alleszins de traditie voortzettend. In de loop van de avond evoceerde hij het beeld van een solitaire muzikant die ergens in Zweden tijdens Midzomernacht op een kruispunt staat te wachten op de duivel die niet opdaagt. Theessink heeft dergelijk bezoekje niet nodig want hij kan gitaar spelen als de beste.
Marcie |
|||||||||