MARKUS JAMES

 

Artiest info
Website   
Myspace    
Video  






Afkomstig van Virginia, is Markus James inmiddels een wereldreiziger die van Mali zijn tweede thuis heeft gemaakt. Het beeld van een blinde blueszanger maakte ooit zo’n indruk op vierjarige Markus dat die muziek hem nooit meer losliet, ook niet toen hij in de contreien van San Francisco in Rock- en R&B bandjes speelde. Later reisde hij vanuit Californië naar Haïti en West-Afrika, waar zijn ontvankelijkheid voor de inheemse muziek hem een nieuwe muzikale richting deed kiezen. Vooral zijn ontmoeting met grootmeester Ali Farka Toure in Niafounke in het jaar 1994 was bepalend, waarna hij zich onderdompelde in de West-Afrikaanse mondiale blues. Regelmatig keerde hij naar West-Afrika terug, waar hij vriendschap sloot met de traditionele Mali muzikanten Hamma Sankare en Hassi Sare. Met hen musiceerde hij op festivals, draaide hij video’s en nam hij albums en een DVD op, waarop elk zijn instrumentale en vocale stempel drukte. Ook Wassoulou muzikant Solo Sidibe maakt deel uit van de groep. Zijn kamele n’goni beïnvloedt mede de groepssound.

NIGHTBIRD


‘Nightbird’ was het eerste album waarin die crossculturele samenwerking het licht zag. Ook letterlijk want in het mysterieuze woestijnlicht ontvouwde zich de magische sfeer die calabash, njarka, kamele n’goni, gitaar en de warme stem van Markus opriepen. Het album werd opgenomen in 2000 in Studio Bogolan in Bamaki, Mali, waar Markus James met zijn kompanen het een na ander prachtig lied op plaat zette. Gewoonlijk kan je daartussen enkele favorieten duiden, maar wat als het hele album een favoriet wordt. ‘Midnight’, ‘Rain’, ‘One Drop’ het betovert allemaal door die hypnotische sound. Van het mysterieuze ‘Child See The Rider’ werd tevens een video gemaakt, gevisualiseerd op de DVD ‘Timbuktoubab’, waarin het verhaal van de volksheld en paardendief Jaybere wordt uitgebeeld. Zelfs zonder beelden zouden de instrumenten de vlucht van de dief kunnen visualiseren, weggalopperend voor zijn achtervolgers. En de ijle stem van blueszangeres Sarah Baker tilt de song op naar de wereld van de legendes. Ook van ‘One Drop’ werd een video gedraaid in mooie impressionistische woestijntinten. De begeleiding en Markus unieke stem maken dit tot een huiveringwekkend mooie song waarbij de koude waterdruppels a.h.w. langs je rug afglijden. In de songs duiken de geesten van de rivieren op en al zingen de artiesten over de vergankelijkheid, de songs behouden hun tijdloze schoonheid.

DVD ‘TIMBUKTOUBAB’


In deze documentaire komen de songs visueel tot leven. De documentaire werd gefilmd op locatie in het duinenzand en de dorpjes rond Timbuktu. Naast fragmenten van hun optreden op het Onafhankelijkheidsplein, waar ook de kinderen ontwapende medespelers zijn, komen er ook interviews in voor met de Songhai hoofdrolspelers en retro flitsen van zijn contact met Malinees Ali Farka Toure, de John Lee Hooker van West-Afrika genoemd. Zelf is Markus met ‘voice over’ de verteller die alles verbindt met groot respect voor de tradities en de cultuur van de bevolking. Als ‘toubab’ - woord voor blanke man in de Songhai taal - gaat hij volledig op in de spirituele wereld van de bevolking waar de talen Songhai, Bambara en Engels geen beletsel zijn om elkaar muzikaal te vinden. In de documentaire maken de vier muzikanten ook een uitstap naar Niafounke waar beelden van het rivierenvolk als poëtische impressies blijven nazinderen. Voor Markus is het ook de aanleiding om even in de tijd terug te gaan toen zijn dochtertje amper zes maanden was en hij het wikkelen van baby’s in de draagdoek bestudeerde. Voortdurend worden in de documentaire heden, verleden en toekomst met elkaar verbonden. Voorbijtrekkende kamelen die aan de horizon verdwijnen, wegstuivend zand, kinderen die plezier maken en de muzikale dans die het allemaal verbindt. Die sfeer komt het best tot uiting in ‘The River is Gone’ en ‘Takamba Blues’ waar de dans als in een vloeiende beweging het ganse wezen doorstroomt. Verhelderend zijn ook de gesprekken met Sankare en Sare over hoe zij hun instrumenten beleven, van kindsbeen aangeleerd of hoe de Shayton, de ‘geest van de krijger’ kan worden opgeroepen.

TIMBUKTOUBAB


Op het gelijknamige album ‘TIMBUKTOUBAB’ vind je de meeste songs terug. Markus maakte een selectie van songs tussen 2001 en 2004 opgenomen en een viertal instrumentale nummers. Vriendschap met de artiesten en de zoektocht naar de bron van de bluesmuziek bepaalden zijn muzikale verkenningen. Markus nam zelf de productie op zich en weet uitstekend de sfeer te evoceren van adobe huizen en dat ongeëvenaard Mali gebied, waar poëzie, muziek en dans een eenheid vormen. ‘Fire At The Gate’, ‘Gobissa’, ‘Mercy’, ‘Far as I Can Run’ zijn muzikale gedichten. Zij herinneren eraan dat het leven verglijdt en dat mensen en volkeren komen en gaan. Het album opent met ‘Sixteen Camels’ en met ‘there’s just some thing you’ll never know’ is het mysterie ingezet dat gans het album aanwezig blijft en de luisteraar aan de melodieën kluistert. Je vindt er zowel het bluesgevoel in terug als gejaagde of tranceritmes. En de mystieke dimensie fluistert er als de woestijnwind doorheen. Tijdloos zoals de man die in ‘Fire At The Gate’ in het licht van de zon verdwijnt. Mocht ik in de woestijn stranden met één song op cassette, dan zou het deze ‘Tele/Fire At The Gate’ worden.

CALABASH BLUES


Ook hier versmelt Markus James magie, droom en mysterie tot een fascinerend geheel. Zijn overzeese muzikale broeders Hamma Sankare met calabash en Hassi Sare, met éénsnarige njarka viool zijn er ook weer bij, zoals ook Solo Sidibe met kamele n’goni. De Mali cultuur staat vooraan met hun tradities, riviergeesten en gemeenschapszin. Tevens verheldert Markus hoe het bluesgevoel Mali met het Mississippi gebied verbindt. De odyssee vond jaren geleden plaats en het is de verdienste van Markus dat hij een historische overbrugging maakt. Enkele nummers die op zijn vorige albums al te vinden waren worden hernomen. Maar zowel ‘Nightbird’ als ‘Wabissimila’ kan je niet genoeg horen. Het blijft bevreemdende woestijnblues, fascinerend in zijn ogenschijnlijke eenvoud. Enkele nummers zijn in Amerika opgenomen, maar de meeste in Timbuktu of Bamako. Ook het intens invoelende ‘Dream after Dream’, opgedragen aan Skip James. ‘Come Around’ is een Exile song. ‘Other Side of the World’ evoceert de levenslange dooltocht van de ontheemde mens. En ‘Need A Believer’ brengt je in een trance alsof je zelf de zwerftocht hebt aangevat. Wereldmuziek van hoog niveau met pure soul.

SNAKESKIN VIOLIN

Op zijn voorlopig laatste album brengt Markus 15 songs bijeen tussen 2003 en 2007 opgenomen. Daarin trekken als in majestueuze optocht wereldmuzikanten voorbij zoals o.m. The Donzo Group of Madou Sangare, de African Diaspora muzikanten uit Amerika, violisten als Zoumana Tereta en Hassi Sare en de ‘old-school’ drummers uit Como, Mississippi. Steeds blijft Markus inventief in wijze waarop hij de blues uit West-Afrika met de Mississippi blues laat samensmelten. Daarvoor moet je doordrongen zijn van de spirit, de verhaaltradities en de poëzie van het West-Afrikaanse muzikale erfgoed. Meesterlijk hoe hij bruggen weet te construeren tussen oudere en nieuwe opnames in Californië, Mississippi en Mali met telkens andere instrumentalisten. In het melancholische ‘Drivin By’ vermengt zich de stem van James met deze van Zoumana Tereta in wonderlijke harmonie, eensgezind in hun oproep voor meer menselijkheid. In ‘So Much Soul’, opgenomen in Bamako, Mali, draagt hij deze song op aan Hassi Sare, oude vriend die nooit meer met zijn ‘njarka’ viool zal spelen, waarbij Mama Sissoko met n’goni de hunkering begeleidt. En in ‘Soon’ is het vooral het obsessioneel drumritme van Kinney Kimbrough dat zich naast de n’goni en bolon van Mamadou Sidibe plaatst. Ook in ‘Snakeskin Violin’ is de instrumentale sfeerschepping bepalend voor de ongewone variatie in de songkeuze, meer bluesy wanneer de opnamen plaats vonden in Como, Mississippi. In ‘Are You Ready’ bijvoorbeeld hoor je naast de house drum van veteraan Calvin Jackson zowel de echo’s van Mali als dat gejaagde gitaarritme dat aan Jessie Mae Hemphill herinnert. Markus’ begeleidt zich met gitaar, harmonica of met percussie-instrumenten zoals calabash of karinye. En de lyriek die doorheen de teksten schemert, cryptisch of mystiek, betovert net zoals de zanglijn ‘wat ga je doen wanneer je alle mysteries in je koffer de vrijheid geeft’.

(Marcie)