BIERBEEK BLUES' D UP FESTIVAL - 5 APRIL 2008
Voor het derde jaar op rij zakken we weer af naar het CC De Borre te Bierbeek.
Opnieuw zijn alle ingrediënten aanwezig om een heel fijne bluesavond te
beleven, een uitstekende organisatie, een gezellige sfeer en vooral heel veel
goede muziek.
.
P. Van Sant in Meensel gemist door een hardnekkig virus, maar gelukkig voor ons krijgen we nu een herkansing. In feite zou ik heel kort kunnen zijn want ik kan enkel de uitstekende commentaar bevestigen (zie bespreking Meensel Blues op deze site) die de Sante voor zijn optreden aldaar gekregen heeft. Op die manier zou ik het rootsicoon van ons land wel veel onrecht aandoen, want P. Van Sant moet je zeker gezien hebben. Net zoals bij het genoemde concert werd P. Van Sant ook vandaag uitstekend begeleid door 3 leden van de band Tusk. Al vanaf de eerste noten van "I’m A Survivor" bleek dat de lat zeer hoog mocht gelegd worden. Naast de (h)eerlijke doorleefde stem van de Sante kleurde Dirk Lekenne de nummers op een subtiele bijna impressionistische manier in. Zijn stijl van spelen doet me denken aan de manier waarop Mark Knopfler zijn Fender stratocaster bespeelt. Daarnaast zijn er onmiskenbare roots- en countryinvloeden hoorbaar van Brent Mason, Sonny Landreth en de grote Ry Cooder niet de minste dus. Sante beleeft iedere song. Als hij zingt, dan geloof je hem echt. Je weet dat hij, als ervaringsdeskundige van het leven, de story uit eerste hand vertelt. De intensiteit waarmee hij "On The Edge Of A Razorblade", "I’m A Believer", "Six Feet Under" en "Frozen In Time" brengt, dringt door tot de allerlaatste rijen van het cultureel centrum. Tijdens het akoestische en solo gebrachte "Rex "Blues" wordt het zelfs stil in de Borre. En daarna volgt een ware explosie, "Tecumseh Valley" en de meer dan verdiende bis "Ships of Fools" knallen uit de PA en overtuigen zelfs de grootste twijfelaars van Santes talent. Als hij in één van zijn songs "Give me one more chance and I’ll stick with you" zingt, weten we het allemaal. Hij mag voor altijd blijven.
.
Het was eerder met gemengde gevoelens dat ik las dat Nina Van Horn op de homepage van het festival aangekondigd werd als een Texaanse wervelwind - "The Queen of Texas Blues". Bluesmonumenten die als King en Queen gekroond worden zijn immers op één hand te tellen. Nu het concert achter de rug is, vrees ik er dan ook voor dat Nina nog een paar jaar te gaan heeft vooraleer ze deze titel officieel zal kunnen opeisen. Het begon nochtans heel goed met een op Albert King geïnspireerd instrumentaal nummer. De solo’s van de Japanse gitarist en de jonge talentvolle keyboardspeler lieten het beste vermoeden. Spijtig genoeg was dit enkel het voorspel voor de vedette op het toneel verscheen. Nina tracht immers in ieder nummer als haar grote idolen Janis Joplin en Bette Midler te klinken. Zij forceert en accentueert daarom iedere stembuiging zo sterk dat je het na een tijdje wel gehoord hebt. Dat ze het ook anders kan, illustreerde ze tijdens het bisnummer "Muddy Waters Blues" dat ze gedreven zong met haar 'eigen stem'. Prachtig gewoon en echt spijtig dat ze dit geheim bewaarde tot het laatste nummer. Het repertoire van de band bestrijkt een zeer ruim gebied van de naoorlogse muziek. Naast klassieke blues ("Hoochie Coochie Man"), Texas blues en Didley beat wordt ook de zuivere rock & roll ("Hounddog") niet geschuwd. De band is goed op mekaar ingespeeld, beweegt zeer professioneel op het podium en biedt Nina alle ondersteuning die zij voor haar energieke show nodig heeft.
Bierbeek heeft iets met Canada. Een paar jaar geleden stond John Campbelljohn hier op de planken en ik herinner me nog levendig zijn versie van "Waterfall" van Jimi Hendrix, op pedal steel guitar nota bene. Nu was het dan de beurt aan die andere Canadese gitaarvirtuoos David Gogo. De in een Rollin’ and Tumblin’ gedrenkte gitaarriff van "Going to Louisiana" zette de toon voor het ganse optreden. Hard en uiterst virtuoos gitaarspel zonder dat het ook maar een seconde vervelend wordt, een meesterlijk strakke begeleiding van bas en drum met daar bovenop beresterke zanglijnen. "She’s Alright" was een gepaste hommage aan de fel betreurde Jeff Healey die op dit nummer een glansrol vervulde op Davids "Vibe" - Cd. David Gogo weet hoe hij zijn publiek moet bespelen. Hij is er zich maar al te goed van bewust dat bluespeople klassiekers willen horen. Zijn versie van Muddy’s "Hoochie Coohie Man" en Elmore James’"Dust My Broom" stonden dan ook als een huis inclusief pakkende bottleneck-solo's op een Gibson SG die voor deze gelegenheid in open E gestemd was. Indien we over bottleneck-techniek spreken, dienen we dat in dit geval dan ook letterlijk te nemen want David bespeelde zijn stratocaster met een in der haast genuttigd bierflesje. Ja, ik weet het, we hebben het vroeger allemaal nog eens gezien bij Danny Gatton en anderen, maar weinig gitaristen zullen hem de stunt nadoen die hij later herhaalde tijdens een geïmproviseerde versie van "Hideaway" waarbij hij nadat hij al spelend naar de toog wandelde, een wijntje bestelde, uitdronk en het glas gebruike als slide. Slidegitaristen zullen zeker begrijpen waarover ik het heb, speel maar eens slide met de bolle oppervlakte van een wijnglas. David trad ooit op in het voorprogramma van BB King. Dat hij goed naar deze master of bluesfeeling geluisterd heeft, illustreerde hij hier door een doorleefde versie te brengen van diens "Sweet Little Angel". Na een bluesmedley met onder andere "Boom Boom" (JL Hooker), "Smoke Stack Lightning" en "Wang Dang Doodle" (Chester Burnett), wisselde David opnieuw van gitaar. Op een sneeuwwitte in open G gestemde epiphone zette David het bloedmooie "Love In The City" in. Wat volgde was een ware apotheose. Met uitzondering van Johnny Winter had ik nooit tevoren iemand Bob Dylans’ "Highway 61" zo intens horen spelen als vanavond. Het publiek vond het zo prachtig dat er 2 meer dan verdiende bissen aan te pas kwamen. Na Fleedwood Mac's "Shake Your Moneymaker" beëindigde David Gogo dit geslaagde optreden met een eigenzinnige met tremolo doordrenke versie van "My Personal Jezus" zoals we het nummer kennen van zijn "Skeleton Key". Hopelijk zien we David Gogo vlug terug op onze podia.
.
Rudy
Foto's: Danny Ducati