ANDY SHARROCKS & THE SMOKIN’ JACKETS - DIRT
Zijn voorgeschiedenis wijst erop. Andy Sharrocks, ex-hippie, punker, rebelse creatieveling weet waarover hij zingt. Hij doorliep enkele bandjes, verkende ‘the wild side’ en de bochtige kantjes van de levensschool en ontplooide zich als een muzikaal Brits nakomertje van de Amerikaanse Kerouac entourage. Na het uitbrengen van enkele singles, een eerste soloalbum ‘ Walking In Familiar Footsteps’, voorprogramma van John Mayall en vele Live optredens zag deze ‘Dirt’ in een Londense studio het licht, weliswaar oorspronkelijk in Minneapolis gepland, maar dat ging niet door.

De tien songs zijn de vrucht van het componerend schrijversduo zanger/gitarist Andy en gitarist Reverent Paul Green. ‘The Smokin Jackets’ bestaan verder uit een clubje muzikanten dat alle gemoedstemmingen aanvoelt van stuurloze buitenbeentjes op zoek naar een houvast het lichtend voorbeeld Charlie Patton achterna. Ook de spirit van Steve Earl, Captain Beefheart, Ian Siegal en de Man in Black waart door dit album. En ongetwijfeld heeft een van hen ook John Steinbeck en John Fante gelezen want ‘Ain’t Getting My Share’ lijkt geschreven en gespeeld vanuit de onderbuik van Manchester of Liverpool.

Die rebelse vrijheidsdrang lijkt een constante in de songs van Andy en Green, waarbij gipsy bloed en zwerflust zich lijken te vermengen. Andy’s rauwe gruizige stem lijkt soms uit een souterrain op te wellen, maar Matt Ord met hetzij mandoline of akoestische gitaar geeft hem dan meer zuurstof. Bovendien zijn er nog bassist John T, slidegitarist Huskie Jack en bluesharpspeler Captain Bliss die onmisbaar zijn voor het groepsgeluid. Drummer, percussionist en The Jackettes met hun backing zang kleuren het emotionele achterland mee in.

Alle songs hebben dat op drift geraakte bluescountry sfeertje dat doet denken aan outlaws - ‘Davey’s Blues’ en ‘Waste Some Time’ - of poëet/muzikanten met hechtingsangst zoals in ‘Dirt’. Zelfs ‘Ballad Of A Dying Man’ heeft die pulserende ondertoon alsof de hemelpoorten zich openen zoals in jubelende Gospels. En het opwindende ‘Lifetime Quarantee’ met die intoxicerende drum werkt als een partydrug. Het album sluit af met het mooi invoelende ‘Tragedy’ waarin de nostalgie opklinkt van wat voorbijgaat. Maar, naar ik vermoed, zal de inspiratie van Andy en het talent van de muzikanten niet rap opdrogen noch doffer worden. De muzikaliteit zal eerder uitvloeien als ontspoord irrigatiewater.

Marcie

 

Artiest info
Website