THE BLACK KEYS – EL CAMINO

We waren er al lang gek van, nu worden we er wild van. De langverwachte nieuwkomer van het blues-rock duo van zanger-gitarist Dan Auerbach en drummer Patrick Carney van The Black Keys vuurden nooit zo’n dansbare ambiancenummers op ons af als op “El Camino”. Sinterklaas bracht ons een schitterend back to the roots rock’n roll album, dat menige huiskamer en concertzaal elf nummers lang op zijn kop zal zetten. Forceerde hun voorloper , het Grammy Award winnende “Brothers”, hun grote internationale doorbraak, dan zal het aanstekelijke “El Camino” gegarandeerd een nog breder publiek aanspreken.

Voor de opnames van “El Camino” verkasten The Black Keys van hun thuisbasis Ohio naar het country mekka Nashville, om er samen met producer Danger Mouse, die we al kennen van de productie van hun “Attack & Release” album, de persoonlijke “Easy Eye Sound Studio’s” van Dan Auerbach in te duiken. Repetitiewerk komt daar niet veel aan te pas bij The Black Keys. Het is gitaren inpluggen, drums in aanslag en al de vintage apparatuur, zoals al te gekke orgeltjes, groezige effecten en versterkers die Dan Auerbach door de jaren heen heeft verzameld in stand by zetten en met één knip onverdroten gas geven. Weinig bands kunnen dan ook zulk een directe live feel weergeven op hun platen als The Black Keys. Criticasters van het eerste uur, die hen vergeleken met een afkooksel van The White Stripes, hebben ze al lang de mond gesnoerd. Met “El Camino”, verleggen The Black Keys opnieuw de grenzen naar de ruwe, vet klinkende, ophitsende rocksound . Echte soulnummers zoals “Never Gonna Give You Up” uit “Brothers”, vinden we niet meer terug, maar toch zit er in sommige songs, zoals het op snedige gitaarstrum kletsende “Dead And Gone”, toch dat poppy stompende soulritme dat een twinkelende Motown belletje laat rinkelen. Ook de vurige meezinger “Nova Baby” pompt met een hakkende Carney en een gek gierend orgeltje enkele soulmaten door onze ledematen. Ronkende vintage gitaren en crazy klinkende orgeltjes daar kickt Auerbach op. De uitbundig rockende single “Lonely Boy”, met zijn ruw klinkende, aflopende John Paul Jones bas, en zijn knetterende T. Rex gitaar, klinkt iedereen al bekend in de oren, maar gans de plaat is zo’n voetstamper. “Gold On The Ceiling” knijpt ons in Garry Glitter stijl in onze billen terwijl we handklappen op Carney’s opjuttende ritme en de gekke klanken van een orgeltje, terwijl de beukende gitaarrif in het garagerock ontmoet psychedelica van “Money Maker”, de natste dromen van ons eigen Triggerfinger zou vervullen. Schitterend is het hoe het als akoestische ballade startende “Little Black Submarines”, je compleet op het verkeerde been zet, wanneer het in deel twee stormachtig vooruitschiet met op distortion beukende gitaarrifs en energieke, harmonische zangpartijen.

Dik anderhalf jaar na hun fantastische “Brothers” album staat “El Camino” garant voor The Black Keys super plus versie, die op een geniale manier hun ruwe rock laat versmelten met poppy, aanstekelijk dansbare ritmes, gebundeld in gebalde songs die meestal afklokken rond de drie minuten grens, ideaal voor elk radioformat. Dat ze zich aan deze limiet niet zullen houden op de live podia staat als een paal boven water en laat ons nu al stevig likkebaarden.

Yvo

23/01/2012 Lotto Arena, Antwerpen (B)
24/01/2012 Le Zenith, Lille (Fr)
01/02/2012 De Effenaar, Eindhoven (NL)

 

Artiest info
Website  
 

Label: Nonesuch
Distr.: Warner Music