BOCEPHUS KING - WILLIE DIXON GOD DAMN!

Zeven jaar na zijn laatste breekt Jamie Perry aka Bocephus King de stilte met "Willie Dixon God Damn!" Op deze nieuwe aanwinst staan uiterst interessante nummers waarbij we steeds een duizelingwekkende diversiteit aan stijltjes horen. Hoe houdt Bocephus King het vol? De Canadese muzikant draait inmiddels al een jaar of vijftien mee, maar is ondanks meerdere uitstekende platen uit zijn beginperiode nog altijd een grote onbekende. De platen, "Joco Music" (1996) en "A Small Good Thing" (1998) en "The Blue Sickness" (2000) die hij eind de jaren 90 maakte werden in kleine kring de hemel in geprezen, maar wie heeft ze in de kast staan? Hetzelfde geldt eigenlijk ook voor "All Children Believe in Heaven" (2004), al trok dit album op zijn minst enige aandacht, maar algemeen werden door de liefhebbers van het genre waarin de singer-songwriter uit Vancouver opereert volledig genegeerd. Onlangs verscheen "Willie Dixon God Damn!" en ook deze plaat dreigt weer tussen wal en schip te vallen. Het is doodzonde, want ook de nieuwe plaat van Bocephus King is weer een hele mooie.

Willie Dixon God Damn! Is meer een bevrijdende vloek, die na zeven jaar, voornamelijk omwille van drugs, de coming-back aangeeft van deze singer-songwriter, niet als een eerbetoon aan een groot bluesman zoals de titel laat vermoeden, maar met een mooi en gevarieerd rootsalbum in zijn eigenzinnige mix van genres die soms een filmisch karakter hebben. Bocephus King schudt namelijk een kleurrijke potpourri van country, pop, blues, jazz, folk, en wereldmuziek, al dan niet psychedelisch, eenvoudig uit zijn mouw.

Bocephus King vertolkt zijn songs met een aangenaam stemgeluid, dat soms wel wat heeft van dat van Willy DeVille, zoals in "Broken Down Rock'n'roll Machine", een loom en verleidelijk nummer, dat ondersteund wordt door een grote crooner en een stem die (ik kan het niet helpen ...) iets heeft van Billy Idol. Maar hij raakt ook aan andere grote songwriters. "The Myth of Philadelphia", dit soulvolle nummer verwijst duidelijk naar de klasse en de fijnheid van Graham Parker, "The Beast You Are" brengt me Springsteen 's tweede album, "The Wild, The Innocent and the E Street Shuffle" uit 1973 in herinnering en "Cowboy Neal" met zijn ritmisch folk en country karakter, doet dan weer denken aan een andere grootheid: Ry Cooder. Als Bocephus King je raakt met zijn stem komt deze aan als een mokerslag. Dat laatste was bij mij het geval. Direct bij de eerste noten van de opener veerde ik enthousiast op en meer dan een uur later was ik alleen maar enthousiaster geworden.

Onze Canadees heeft zeven jaren vol ellende achter zich en stopt al dat leed in zijn songs. Het levert een bijzonder emotievolle plaat op vol met werkelijk prachtige songs. De muziek van Bocephus King past in het hokje 'roots', maar "Willie Dixon God Damn!" bestrijkt in dit hokje een breed palet. De plaat bevat een aantal uiterst sobere folk- en countrysongs, maar Bocephus King is ook niet vies van wat stevigere rocksongs of songs die je bijna soul kunt noemen. In al deze songs laat Bocephus King zich begeleiden door een prima band die King’s strot steeds weer voorziet van een mooi randje. In de 60 minuten die deze plaat duurt vertelt hij het ene na het andere verhaal en overtuigt hij met songs die iets met je doen.

De instrumentatie is door de wat stevige uitschieters lekker afwisselend, waardoor de songs veelal ambitieus, rijk en filmisch overkomen. Zo begint het nummer "In Your Great Big Beautiful Heart" met een Morricone's episch koren om via maghrebische echo’s zich afsluitend te verplaatsen naar de directe interventie van een stem in het Arabisch. "That's Not Love" en "The Job" zijn misschien wel de meest ambitieuze songs van dit album. De eerste song is gebouwd op de klanken van een schrille viool ondersteund door de sensuele Zuid-Amerikaanse ritmes en de tweede rust meer op een solide basis van Afrikaanse percussie, eerder een donker geluid omwille van het funky ritme van de bas dat afgewisseld wordt met veel luidruchtige gitaren en harmonica. Het afsluitende, bijna 10 minuten durende "So Many Hells", begint rustig op een countrywestern getinte melodie omringt door een prachtig fresco van dixieland, die naar het einde toe luidruchtig gaat crashen, inclusief stemmen en gelach van kinderen.

Met "Willie Dixon God Damn!" heeft Bocephus King een rootsplaat gemaakt die me vanaf de eerste luisterbeurt dierbaar was en die me sindsdien alleen maar dierbaarder is geworden. Alle reden dus om deze Canadees ook aan deze kant van de Atlantische Oceaan te omarmen als een groot talent en "Willie Dixon God Damn!" binnen te halen als een bescheiden meesterwerk.

Artiest info
   
 

Label: Tonic records
Distr.: Sonic Rendezvous

video