RUMER – BOYS DON’T CRY

Qua stem was de Brits-Pakistaanse zangeres Rumer als de reïncarnatie van Karen Carpenter, muzikaal prachtig tijdloos. Maar vooral haar levensverhaal deed twee jaar geleden huiveren. Zo deed Rumer met de bloedmooie single "Slow", een tijdloos pareltje van haar debuutalbum "Seasons Of My Soul" (2010) waarmee zij een miljoenenpubliek wist te bereiken, ineens wereldwijd van haar spreken. Deze zangeres maakt met haar loepzuivere stem en meeslepende melodieën oorstrelende muziek, een geluid dat doet denken aan vervlogen tijden. Geen wonder ook dat Rumer gesupport wordt door geniën van de melodieën als Burt Bacharach en Jools Holland.

Vrij snel na haar zo succesvolle debuutalbum komt Rumer met een nieuwe plaat op de proppen, "Boys Don’t Cry". Omdat haar album met eigen werk nog zeker tot 2013 op zich laat wachten, presenteert ze in tussentijd "Boys Don’t Cry", een ode aan haar mannelijke helden. Op dit album klinkt Rumer dan ook nog steeds als een hedendaagse Karen Carpenter. Maar grijpt meteen terug naar de jaren zeventig, de periode waarin Richard en Karen Carpenter het meest actief waren. Ze kiest voor covers van mannelijke singer-songwriters uit de jaren zeventig als Jimmy Web, Richie Havens, Hall & Oates, Gilbert O’Sullivan, Ron Wood, Isaac Hayes, Todd Rundgren en Townes van Zandt. Niet zozeer songs waarmee deze artiesten beroemd zijn geworden maar voor obscuurder materiaal uit diens catalogi. De pop-, soul- en folkmuziek waarmee zij zelf opgroeide. De nummers klinken daarbij niet altijd zoals de oorspronkelijk versie, zij brengt die meer als haar eigen emotionele impressies. En het moet gezegd, covers of niet, wederom klinkt Rumer bloedstollend mooi en lijkt het bij iedere song alsof een engel je persoonlijk troostrijk toezingt.

Albumopener "P.F. Sloan", een klaagzang over miskend talent, is een samenvatting van het hele album: respect tonen voor de hierboven geciteerde singer- songwriters, de padvinders uit die vroegere jaren. Dat Rumer deze oude songs volledig beheerst horen we het best in "Soulsville", een nummer uit de soundtrack van "Shaft", origineel gebracht door Isaac Hayes, of het meer zachter country getinte "Flyin’ Shoes" of als ze muzikaal meer voor zeemzoeterige violen en hobosolo’s kiest als in het rustige "Travelin’ Boy". Voor ons zijn haar beste vertolkingen eerder haar versie van "Home Thoughts From Abroad" van Clifford T. Ward uit 1973, Terry Reid’s "Brave Awakening" en "It Could Be The First Day" van Richie Havens. Hoewel haar opnames van de meer ingetogen nummers als "The Same Old Tears On a New Background" en "Home thoughts from Abroad" eveneens een must voor het oor zijn. De cd klinkt als een samenhangend geheel waarover niemand zou zeggen dat ze bestaat uit nummers van zo veel verschillende artiesten. Al brengt ze deze 12 songs zeer overtuigend, hetgeen haar met veel glans ook is gelukt kijken we al uit naar haar derde album waar ze zich kan laten gelden als songwriter, maar voorlopig gaan we de zomer in met deze coverplaat, een plaat die we zeker niet beschouwen als een mooi tussendoortje, maar die zowel qua arrangementen als qua zang een volwaardig en logisch vervolg is op "Seasons Of My Soul".

Het concert van RUMER + Jim Cole op woensdag 6 juli in het Openluchttheater is jammer genoeg geannuleerd. Wegens ziekte van de zangeres zelf worden alle concerten volgende 2 weken gecancelled, zijnde Montreux Jazz Festival, North Sea Jazz, Henly Festival, Pori Jazz en helaas ook dus Openluchttheater Rivierenhof.

 

Artiest info
Website  
 

Label: Atlantic Records
Distr.: Warner Music