KEVIN SELFE – LONG WALK HOME

Kelvin Selfe uit Virginia (Selfe uitspreken als [SELF]) is de frontman van “The Tornadoes” samen met Jimi Bott (drums, backing vocals) en Allen Markel (bass, backing vocals) en is in Europa een nog vrij onbekende muzikant. Kevin Selfe is een man die zijn leven geeft aan de blues en die al meer dan tien jaren lang deze liefde deelt met zijn publiek. Hij biedt zijn publiek traditionele en hedendaagse blues. Kevin leert (relatief) vrij laat gitaar spelen, terwijl hij meteorologie studeert in Raleigh, NC. Het is zijn kamergenoot, een bassist, die hem in een nieuwe wereld introduceert. Hij leert hem te luisteren naar Howlin’ Wolf, Muddy waters en Elmore James. Na zijn graduaat Cum Lauda in 1995, voelt hij aan dat zijn roeping niet in de sterren, maar ergens anders lag. Hij besluit om zijn potentiele carrière van weerman niet ‘au sérieux’ te nemen en zijn blues hart te volgen. In 1997 (hij was toen 23) sloot hij zich aan bij de populaire “Fat Daddy (blues) Band”. In 2002 tijdens de finales van de competitie van de IBC (‘International Blues Challenge) in Memphis, ontmoet hij jurylid Bob Margolin (gitarist ex Muddy Waters) en mocht hij even op een oude gitaar van Muddy spelen. Hij blijft zes jaren en drie albums lang bij “Fat Daddy”. In 2003 vormt hij samen met Rodger Crowder de groep “Little Roger & Cheap Thrills”, met wie hij daarna ook samen tourt. In 2005 is het tijd voor een eigen groep: “Kevin & The Tornadoes”, met wie hij snel indruk maakt. In september van hetzelfde jaar kunnen ze samenspelen met Eddy “The Chief” Clearwater. In 2007 gaat het sprookje verder met Carey Bell. In 2006 wordt de éérste CD “Selfe-Contained” uitgebracht. In 2007 wordt de groep in Portland, OR omgevormd tot een 'West Coast’ versie van “The Tornadoes” en drummer Don Schultz en bassist Alen Markel werden aangetrokken. In 2009 wordt de tweede CD uitgebracht “ Playing The Game”. De volgende vijf jaren waren succesvol en meerdere awards werden binnengehaald (in 2010, 2011 & 2012 de “Traditional Blues Act of the Year”). Aanvang 2011 wordt de legendarische drummer Jimi Bott lid van de band. Jimi tourde meer  dan dertig jaren met de band de “Fabulous Thunderbirds”, “The Mannish Boys”, Rod Piazza  en Marc Hummel. Hij deed meer dan  zeventig opnamen en werkte samen met William Clarke, Billy Boy Arnold en James Harman.
Allen Markel (bas) uit NYC studeerde muziek aan de universiteit van Miami. Hij studeerde bas met Rufus Reid en Todd Coolman. In het begin van zijn muzikale loopbaan werkte hij als freelance muzikant in clubs in NYC. In 2007 verhuisde hij naar Portland en werkte samen met Kevin Selfe. Ze tourden samen in 2010 en 2011 in Amerika en in Europa.

“Long Walk Home” bevat elf eigen composities van Selfe, met West Coast, Texas, Chicago en Delta blues invloeden. Met de kern van “The Tornadoes” (Kevin Selfe / Allen Markel / Jimi Bott) is dit nieuwe album een logische vervolgstap in de muzikale loopbaan van Kevin. Selfe wordt in dit album muzikaal ‘geholpen’ door veteranen als mondharmonicaspeler Mitch Kashmar, Gene Taylor (piano), Allen Markel (bas), Doug James en Jimmy Vaughan (bariton sax). Dit belooft weer heel wat te worden! De nummers zijn een interessante mix van swampy melodieën, muziek uit de kleine steegjes en gedegen gitaarwerk met af en toe een beetje resonator. In bepaalde nummers zorgen de extra blazers en Gene Taylor aan de piano voor de kers op de taart.

De opener 1“Duct Tape On My Soul” start knap en eenvoudig met een backward-shuffle. Het is een typische West Coast en kan een voorbeeld zijn voor beginners, van hoe het zou moeten klinken. Je hoort een zelfzekere Selfe met een goede stem en de blazers die alles mooi inkleuren.  2“Mama Didn’t Raise No Fool” vervolgen we in uptempo de rit. Het is een nummer waarin we Mitch Kashmar horen op mondharmonica en Doug James op de bariton sax.  “Moving Day Blues” is een T-Bone Walker-achtige druilige slow blues met een rare intro, met een geknipte blazersinbreng en een Gene Taylor die zijn faam van (de betere) blues pianist meer dan hoog houdt. Het nummer is een triest verhaal over een (zijn?) ongelukkige relatie en ervaringen met de andere sekse. “First you broke my back (after moving you..), then you broke my heart…”  In 4“Last Crossroad” voel en hoor je de invloed Elmore James en “Hound Dog” Taylor in de gedeeltes met de gitaar slides. De doffe voetstomp en de dynamiek gaan duidelijk richting roots.  5“Dancing Girl” is ook een nummer over de andere sekse. Selfe begrijpt de ‘dancing girl’ niet als ze dansend staat te provoceren voor zijn neus… Het is een traag nummer met veel rillingen en frustraties en laat de soul kant van Selfe horen.  In 6“Midnight Creeper” voel je Louisiana bayou en de riek je de swamps. Het is een lang nummer dat het vooral van de slides, gitaarpartijen en van de beangstigende sfeer moet hebben. Het felle drumwerk van Jimi Bott maakt alles af.  7“Walking Funny” is een grappig cynisch jazzy nummer over (alweer) de andere sekse. Wat moet je inderdaad denken van de dame met wie je afsprak en die pas ’s morgens komt opdagen met haar haren in de war, haar kleren verkeerd aan en die niet goed op haar benen kan staan. Gene Taylor komt er blijkbaar ook niet uit en laat zich volledig gaan vanachter zijn piano. Lisa Mann doet de refreintjes en de blazers swingen gezellig mee.  8“Too Much Voodoo” is geen genezend blues nummer, maar is gehuld in een Cajun en creools sfeertje van bijgeloof en duistere grooves. We horen hier opnieuw het knappe gitaarspel van Kevin. Door het geluid van de orgel wordt het nummer speciaal.  Met 9“Second Box On The Left” zetten Kevin weer alle middelen in. Het is een cynisch, spottend nummer met knappe arrangementen en veel dubbelzinnigheden.  De track 10“The Blues Is My Home” is een solo nummer op akoestische gitaar en een statement van Selfe. Hij probeert de luisteraar te overtuigen van zijn gedrevenheid en bedoelingen. Het nummer is ook, zoals “Last Crossroad”, sterk beïnvloed.  11”Put Me Back in Jail” is een furieuze boogie met een veel slides, veel stijlen en tussenkomsten, die ondanks alles aan dit album een gecontroleerd knap einde breien.

Na het beluisteren van het album “Long Walk Home” van de (mij onbekende) Kevin Selve, was ik verrast en stil te gelijk en was een ‘wauw’ een duidelijk understatement. Kevin Selfe laat zijn maturiteit op gitaar en originaliteit van de composities in ieder nummer horen. Het is een album dat niet alleen bij de blues liefhebbers een goede indruk zal nalaten. Dit soort albums hoor je niet iedere dag en hopelijk komt er nog meer!  

Eric Schuurmans

 

Line up:
Kevin Selve: vocals, guitar, harmonica
Jimi Bott: drums, backing vocals (7)
Allen Markel: bass, backing vocals (7)

Mitch Kashmar: harmonica (5), vocals (5)
Doug James: baritone sax (2)
Gene Taylor: piano (1,3,7,9)
Lisa Mann: backing vocals (7)

Joe McCarthy: trumpet (1,3,7,9) + horn arrangements
Chris Mercer: tenor sax (1,3,7,9)
Brad Ulrich: baritone sax (1,3,7,9)

Steve Kerin: piano (2,11)
Dover Weinberg: organ (8)

Discography:

2006: “Selfe-Contained” (& “The Tornados”)
2009: “Playing The Game” (& “The Tornados”)
2013: “Long Walk Home” – Delta Groove Music

 

 

Artiest info
Website  
 

Label: Delta Groove Music

Distr.: Coast To Coast

video - “Walking Funny”