|
||||||||
|
Ik kan me uiteraard vergissen, maar ik meen mij te herinneren dat zangeres Elana Sasson voor het eerst op onze radar verscheen naar aanleiding van de “Growing Songs”-cyclus van de in deze kolommen wel vaker bewierookte Perzische Mahsa Vahdat, die daarin hedendaagse vertolkers in contact bracht met vaak eeuwenoude werken van Perzische dichters als Rumi en Saadi. Zelf is Elana van Koerdische en Iraanse oorsprong, maar geboren en getogen in de Verenigde Staten en vrij recent naar het Spaanse Valencia verkast. Een diploma van Berklee ha,gt bij haar aan de muur en dan weet een beetje volger, dat hij met een meer dan middelmatig getalenteerde muzikant te maken heeft. Dat bleek al volop uit haar plaat van een goed jaar geleden met het Golestan-ensemble en dat blijkt zo mogelijk nog meer uit deze nieuwe, die, niet toevallig “In between” getiteld werd. Elana bevindt zich op menig vlak “ergens tussen in”: niet alleen schuifelt ze tussen haar Perzische origine en haar leven van vandaag in een redelijk hippe en moderne samenleving, zoals die van Valencia, ook muzikaal wordt ze door meerdere strekkingen gevoed. onmiskenbaar is de Perzische invloed en daaruit volgend de vertrouwdheid met de traditie van ginds en tegelijk zijn er al even duidelijke invloeden van hedendaagse jazz en schrikt de zangeres er niet voor terug zich te wagen aan duizelingwekkende ritmes, die van Westerse oren best wat inspanning vergen. Traditie vermengd met vernieuwing is het kader waarin het verhaal van de persoonlijke zoektocht naar een eigen plaats en het verlangen naar de eigen aard voorop lopen. Het meest val je, vanaf het eerste nummer “Akh Leil” voor de ronduit fantastische stem van de zangeres: die raakt je, door de dwingende helderheid en de wendbare manier van zingen. De zangeres krijgt daarvoor flink wat hulp van de Colombiaanse pianist Santiago Bertel, die mee verantwoordelijk was voor arrangementen en productie. Samen componeerden ze een aantal nieuwe melodieën, maar net zo goed her-arrangeerden ze traditionele en soms oeroude liederen en kleedden die aan met instrumenten als de ney van Kaveh Sarvarian, de cello van Matthieu Saglio en de heerlijke trompetklanken van Miron Rafajlovic, allemaal mensen die in Spanje actief zijn, maar hun wortels elders hebben. Als die”vreemde” invloeden zijn een weerspiegeling van wat het Spanje van vandaag eigenlijk is: een lappendeken van culturen en beschavingen en zo kun je hier een oude Sefardische song als “Ay Ke Buena” horen naast een Koerdisch wiegenliedje als “Laye Laye” of een getoondicht poëtisch werk van feministe Forukh Farrohkhzad. Tel bij dit alles nog de bijzonder hechte ritmesectie van bassist Manos Stratis ende drums van Victor Goldschmidt en je komt uit bij een internationaal getint werk van bijzondere klasse. Niet altijd makkelijk, maar net daarom moeilijk te evenaren. Topplaat ! (Dani Heyvaert)
|
|||||||