|
||||||||
|
Je moet al een beetje vertrouwd zijn met geweven stoffen om meteen een lichtje te zien branden bij de term “Paisley” en nochtans zien we, ook hier bij ons, dagelijks het Paisley-patroon talloze keren passeren: bonte kleuren, druppelvormige motieven, al dan niet omgeven door weelderige afbeeldingen van bloemen of bladeren. Geen sjaaltje, blouse of das ontsnapt er aan, zo lijkt het wel. Paisley, een niet eens zo grote stad in het westen van Schotland, was ooit het centrum van de ooit erg bloeiende weverij-industrie. Duizenden gezinnen leefden er van en er voor, in al dan niet geweldige opstandigheden, zoals we ons die ook herinneren uit ons eigen Aalst in zijn Daens-periode. Zangeres Evelyn Laurie en gelouterd multi-instrumentalist Neil Thomson vonden dat het tijd werd dat de geschiedenis van hun stad voor de eeuwigheid vastgelegd werd, mede omdat een aantal grote namen daar in de loop der tijden al wel dingen over geschreven hadden. Benjamin Disraeli, schrijver en staatsman, is binnen die club wellicht de meest bekende figuur, al was zijn “Keep Your Eye On Paisley” meer ingegeven door angst voor de opkomende vakbonden dan uit sympathie voor de wevers en ook de naam Tannahill doet hier bij ons een belletje rinkelen onder folk-liefhebbers. In twaalf songs, sommige heel oud, andere voor de gelegenheid geschreven, schetst het duo, met de hulp van een paar bevriende muzikanten zoals pianist Angus Lyon en fiddlers Chris Adam en Fiona Cuthill, een portret van het dagelijkse leven in Paisley, met inbegrip van de opgang én de val van de weef-industrie. Een socio-cultureel portret dus, waarin het lot van de bevolking beschreven wordt, van weelde tot diepe armoede, net als de nevenwerkingen van de industrie op het leefmilieu van de lokale bevolking en de complete vervuiling van Espedair-beek die het stadje bevloeit en waarvan het water compleet verknoeid werd door de afvalstoffen van de stijfselmakerijen, blekerijen, drukkerijen en ververijen die in de stad actief waren en er een nauwelijks te overziene ravage aanrichtten, die mij aan onze regio Machelen-Vilvoorde doet denken. Terreinen die nog alleen maar afgegraven kunnen worden en voor sanering geschikt zijn, getuige “Espedair Burn”. Dat levert een heel boeiende plaat op, waarop beide artiesten en hun gasten kunnen etaleren waartoe ze muzikaal in staat zijn en waaruit boeiende figuren als vuilnisruimer James Purdie (zie “Tatabella”). Samengevat: heel boeiende, heel authentieke folkplaat, die een goed inzicht geeft in wat mensen, in hun inspanningen om een decent leven bijeen te werken, allemaal kunnen tegenkomen. Goed gezongen en prima gespeeld en dus ultra beluisterbaar! (Dani Heyvaert)
|
|||||||