ARCHIEF

JANUARI 2007 - FEBRUARI 2007 - MAART 2007 - APRIL 2007 - MEI 2007


RICK HOLMSTROM - LATE IN THE NIGHT

RONNY ELLIOTT - LIVE

DAN NEAL - PARTY OF ONE

TOMMY CASTRO - PAINKILLER

THE PROCRASTINATORS - THE PROCRASTINATORS

STINKY LOU & THE GOONMAT - FAT SAUSAGE FOR DINNER

YARN - YARN

DALLAS FRASCA AND HER GENTLEMEN - LEARN YOUR ROUTES

THE ERIC STECKEL BAND - LIVE AT HAVANA

STEVEN MARK - RACING GREY




 

 

 

 

 

 

 



RICK HOLMSTROM
LATE IN THE NIGHT
Website: www.rickholmstrom.com
E-mail: jim@harborartists.com
Label: M.C. Records
www.mc-records.com
Distr.: Bertus
www.bertus.com


De naam van de gitarist Rick Holmstrom (geboren in Fairbanks, Alaska) duikt met grote regelmaat op in het all-star circuit van L.A. en omstreken (Kim Wilson, Larry Taylor, Richard Innes, Kid Ramos, Lynwood Slim en noem maar op). Al die muzikanten werken met elkaar en daartoe behoort ook gitarist Holmstrom. Altijd maakt wel iemand een plaatje, waarvan de begeleiders altijd uit datzelfde circuit worden gerecruteerd. Logisch, want het zijn ook toppers in het genre en ze wonen bij elkaar om de hoek. Die platen zijn altijd raak. Je kunt ze bijna blindelings kopen. Nu blijkbaar Rick weer aan de beurt was, viel opnieuw zo'n lekker West Coast plaatje met zijn vriendenkring te verwachten. Naast zijn werk met de de Mighty Flyers (tot 2002) nam hij platen op met o.a. Johnny Dyer, Jimmy Rogers, William Clarke, Billy Boy Arnold en R.L. Burnside. Daarna presenteerde hij drie fraaie producties onder eigen naam: "Look Out" (1996), "Gonna Get Wild" (2000) en "Hydraulic Groove" (2002). De eerste was gevuld met instrumentaal werk, swingende traditionele West Coast blues, voornamelijk overgehouden van de sessies met Dyer. De tweede borduurde keurig op die weg voort, al hoorden we hem hier voor het eerst ook als zanger. "Hydraulic Groove" was totaal andere koek. Rick houdt van experimenteren, dat wisten we al. Maar op dit album horen we samples, dubs, funky drums, moderne beats, een verdwaalde sax of Hammond en gitaarlicks die zijn vermixt tot elektronische fantasieklanken. Dat alles in een crossover met jazzy/funky blues. Maar gelukkig is er nu het nieuwe album "Late In The Night", zijn debuut voor het M.C. Records label, een plaat die wederom geschikt is voor de traditionele bluesliefhebber, een plaat waarop hij dus duidelijk terug grijpt naar de roots. Jazz, jump, rock en swamp- en Deltablues we horen het allemaal. En samen met de vroegere bandleden, multi-instrumentalist Jeff Turmes en drummer Stephen Hodges (Tom Waits, Richard Thompson, R.L. Burnside, Mike Watt, John Hammond), die ook soms de achtergrondvokalen verzorgen krijgen we hier twaalf nieuwe Holmstrom songs en een cover van Bob Dylan's "Rainy Day Women #12 & 35". Doug Boehm (the Vines, Moby, Elliott Smith) verzorgde de mixing, en liet het gitaarwerk van Holmstrom schitteren, en dit vooral in de vijf instrumantals. Ander nummer dat daarbuiten ook lekker in het gehoor ligt is "77 Red V8", een song die duidelijk naar John Lee Hooker refereert. Hopelijk is hij op niet al te lange termijn van plan ook in ons land concerten te geven, zodat we eindelijk eens van dichtbij kunnen aanschouwen wat deze gitarist precies in zijn mars heeft. Afgaand op deze cd, moet dat wel veel zijn.



 

RONNY ELLIOTT
LIVE
Website : www.ronnyelliott.com
www.myspace.com
ronnyelliott@tampabay.rr.com
Label : Blue Heart Records

"Let me introduce you to a man who needs no introduction "
Ronny Elliot Live

 

Het album "Valentine Roadkill" dateert al van 2005 en werd destijds opgenomen in het jaarlijstje van collega Benny Metten. Een terechte bekroning voor singer/songwriter Ronny Elliott die net als ondergetekende niet erg warm loopt voor live-albums maar achteraf moeten wij beiden toegeven dat het allemaal nog wel meevalt. "This was for fun ... though, and we had our fair share" staat er vermeld in de inlay en wij mogen delen in de pret die in februari 2006 voor het nageslacht werd vastgelegd in het Springe Theater, Tampa (Florida). De man die in een ver verleden mocht opdraven als support-act voor Jimi Hendrix, de bas bepotelde bij Chuck Berry en Gene Vincent, dolgraag beschouwd wordt als een bluesartiest ("Broke Heart Blues") maar door het leven gaat als een hillbilly man kan op zijn zestigste nog steeds verrassend uit de hoek komen. De verhaaltjesverteller Elliott laat het niet aan zijn hart komen dat hij nooit de status bereikt heeft van collega's als Townes Van Zandt, David Olney, Joe Ely, Guy Clark, Steve Young en kijkt met verbazing terug op een periode die in "1947" begon met herinneringen aan Johnny Otis, Hank Williams, Elvis Presley, Roy Brown, Muddy Waters, The Chess Brothers, Howlin' Wolf, Carl Perkins, Junior Parker, Ruth Brown, Rocket 88, Cadillac Boogie en de vaststelling that all's gone to hell! Inderdaad "the times they are a - changin'" en wanneer Elliott "Walk To The End Of The World" aanheft komt er via het vergelijkend stemgeluid met Johnny Cash nog iemand aan bod die ondertussen het tijdelijke voor het eeuwige gewisseld heeft. "Loser's Lullaby" (een heerlijke "drinking under the table" song ) en "Tell the King The Killer's Here" (beiden met prima pedal steel van Jim Mc Nealon) linken dan weer naar Tom Russell. Dat Elliott een wat apart gevoel voor humor heeft is bekend en dat wordt nog eens flink in de verf gezet met "Jack's St. Pete Blues" (" I drink because I can't ride, I can't ride because I'm drinking"). Ondermeer Big Mama Thornton, Bo Diddley, Chubby Checker, Little Richard, Fats Domino, Fabian, Frankie Avalon, Bobby Rydell, the Beatles passeren de revue in "The Twist Came From Tampa", "Room 100" is "a good romantic love story " en met de meezingertjes "No More War" (inclusief trompetgeschal)en "Goodnight Irene" doet Elliott een (laatste) poging om ook in folkmiddens geaccepteerd te worden. Enkele jaren geleden mochten wij getuige zijn van een concert dat Ronny Elliott gaf in Heeze, NL en wat wij toen met eigen ogen en oren konden waarnemen wordt met dit live album nog eens bevestigd .... "A cult artist in the best sense of the word" (All Music Guide).

Recorded at the Springe Theater, 2006. Track Listings: Born in 1947/Walk to the End of the World/Loser`s Lullaby/Tell the King the Killer`s Here/Jack`s St. Pete Blues/Broke Heart Blues/Hope Fades/The Twist Came from Tampa/Room 100/No More War.



DAN NEAL
PARTY OF ONE
Website: www.danneal.com
www.myspace.com
Email: Info@danneal.com
Label : Coho Records
www.cdbaby.com/cd/danneal3

 

Er zijn van die albums die iedere keer weer onder aan het stapeltje belanden. Albums die je meerdere malen beluistert, maar waar je eigenlijk geen zinnig woord over kwijt kunt. Slecht is het niet, maar je voelt ook nergens de behoefte loftuitingen van de daken te gaan schreeuwen. De gevreesde middelmaat dus. En daar zijn er stiekem best wel veel van. Te veel zelfs. Ik ben de eerste die toe zal geven dat ik zo'n album in een goede bui - zonnige dag, plus op de rekening en de boodschappen in een recordtempo afgerond - misschien wel iets te positief zou kunnen beoordelen. Regent het katten, honden, cavia's en diverse geleedpotigen en kies ik geheel volgens Murphy de traagste rij, dan komt zo'n album er een stuk slechter vanaf. Tenzij het natuurlijk precies dat gevoel weet neer te zetten dat ik op dat moment heb. Ook knap. Vandaar dat ik een album altijd meerdere luisterkansen gun. Zo ook "Party Of One" van de uit Eugene, Oregon komende Dan Neal. Ben ik in een rotbui, dan beschuldig ik hem ervan een Warren Zevon met een volumeknop te zijn. Ben ik beter gemutst, vind ik hem een alleraardigste Bob Dylan-adept. De waarheid zal daar waarschijnlijk ergens tussenin liggen. Wanneer je kan beschikken over de crew van Lucinda Williams en gastartiesten als Dean Parks (akoestische gitaar), Greg Liesz (slide gitaar) en Rosemary Butler (vocals) kun je wat en daarom wekt het eigenlijk geen verbazing dat Dan Neal een buitengewone opvolger van zijn debuut "When The Big Picture Fades” uit 2004 heeft afgeleverd. Bijgestaan door deze bende en producer Gary White schotelt Neal ons songs voor die iets met je doen. Veelzijdige songs die variëren van ingetogen ballads tot stevige rocksongs met spetterend gitaarwerk, met als uitschieters de nummers "Tunnel of Light", "BiPolar Express", "Wake Up In The Mud", de titeltrack, "Time To Shine" een duet met Gia Ciambotti (dewelke als backing vocaliste met Bruce Springsteen tourde) en niet te vergeten het zeer Warren Zevon-achtige "Crawford". Maar soms hebben deze songs ook iets van John Hiatt, maar die door de opvallende zang ook de kant van Tom Petty op gaan. U heeft het waarschijnlijk wel begrepen, dit is een obscuur pareltje dat absoluut gehoord moet worden.

 


TOMMY CASTRO
PAINKILLER
www.tommycastro.com
tommycastromgt@sbcglobal.net
Label : DixieFrog Records / www.bluesweb.com
distr.: Parsifal / www.parsifal.be

The Blues is in good hands. When someone has the right intentions, with sincerity, you can never go wrong. This is the person who has the voice, the sound, and the intentions, to touch everybody's heart.
Carlos Santana

 

Bluesgitarist/zanger Tommy Castro is al een paar jaar actief in de bluesscène van San Francisco en heeft zojuist met "Painkiller" een mooi visitekaartje afgeleverd aan de hedendaagse wereld van elektrische blues. Tommy Castro groeide op in San José Californië. Hij begon gitaar te spelen en onder zijn vroegste helden waren Eric Clapton, Elvin Bishop en Carlos Santana. Hij ging luisteren naar de helden van zijn helden, B.B. en Freddie King, Buddy Guy en andere bluesartiesten. Hij toerde twee jaar met The Dynatones en begon in 1991 onder eigen naam op te treden. Het zou nog tot 1996 duren voor hij zijn solo-debuutalbum " Exception to the Rule" zou maken, waarmee hij meteen de aandacht van de internationale blues pers mee trok. En ze zijn lovend over hem, iemand als Carlos Santana noemt hem 'the future of the blues'. Castro heeft zich binnen de blues-rock-scène een zeer sterke positie verworven en zijn platen zijn aanraders. In 2001 verscheen "The Essential Tommy Castro", toen nog bij Blind Pig records. Hetzelfde jaar verscheen bij 33rd Street Records het album "Guilty of Love" en twee jaar later vond hij onderdak bij Heart and Soul Records, waar het album "Gratitude" verscheen, een album waarin hij een eerbetoon bracht aan zijn leermeesters: de oude blues- en soulmaten. Op deze plaat speelde hij zeer keurige uitvoeringen van B.B. King, Muddy Waters, Howlin' Wolf e.a. Vandaag kan Castro een discografie voorleggen van 13 cd’s en 2 dvd’s, dus geen geringe prestatie. Ook in ons land is hij niet onbekend. In 2004 was hij te gast op het Rhythm & Blues Festival te Antwerpen en liet er een bijzonder goede indruk na. In 2005 verscheen "Soul Shaker", in zijn welvertrouwde Blind Pig stal en nu is er de nieuwe cd "Painkiller", met producer John Porter (Taj Mahal, Keb Mo, Santana, B.B. King, Elvis Costello, Buddy Guy) en waarop tevens ook Coco Montoya, Teresa James en Angela Strehli mee doen. Zijn samen met anderen geschreven nummers mengen blues en energieke rock, terwijl zijn zang bovendien fantastisch is. Zijn stem kan rauw en dan weer gevoelig zijn en is beïnvloed door soulzangers als Otis Redding, Ray Charles en Wilson Pickett. Samen met zijn band maken ze ouderwets dampende bluesrock, die veel doet denken aan Delbert McClinton, zoals in de nummers "Err on the Side of Love" en "Lonesome and Then Some". Maar de rechtgeaarde bluesliefhebber komt sowieso goed aan zijn trekken in de funky openende blues-rocker "Love Don’t Care", het duet met Teresa James in het New Orleans-getinte "Goin’ Down South" of de versie van Albert Collins' "A Good Fool Is Hard To Find" met gastbijdrage van Coco Montoya, tracks waarin Castro bewijst dat hij een allround blues- en soulmuzikant is. Castro en zijn band spelen een mengeling van blues, soul en rock met een funky sausje er over. Kortweg: Tommy Castro wordt veelvuldig gerangschikt onder de noemer blues, maar dat genre dekt de lading niet. Castro is vooral soul! "Painkiller" is zijn meest volwassen cd, een cd waar de soul en het spelplezier van afdruipt. Voor zowel de blues-, de soul- als de rootsliefhebber een aanrader en dus alle reden om dit album aan te schaffen.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Opgelet : nog slechts 100 tickets beschikbaar !

Zaterdag 9 Juni 2007
Bugaboos Bluesfestival
In Mol-Millegem (B)

Tommy Castro Band (USA)
Eric Steckel Band (USA)
Reba Russell Band (USA)
Twelve Bar Blues Band (NL)
Tim’s Blues Combo (B)

Wanneer:

op zaterdag 09/06/2007 om 16:30
Waar: In de tent achter muziekcafé Meulenberg, Milostraat 1 2400 Mol
Verdere INFO: www.bugaboos.be - jo@bugaboos.be - Jo Verboven 0473 47 21 79.




THE PROCRASTINATORS
Website : www.theprocrastinators.com
www.myspace.com
Email: theprocrastinators@sbcglobal.net
label : Texstar Records
www.cdbaby.com

 

Het dagelijks rondneuzen op ondermeer My Space Music, CD Baby, de contacten die je opbouwdt door de jaren heen met de artiesten, het kon niet uitblijven of wij moesten op het spoor komen van the Procrastinators. Ondermeer Jason Eady, Walt Wilkins, Sam Baker, Slaid Cleaves, Dave Millsap (ook van de partij op dit album) behoren tot onze gemeenschappelijke vriendenkring. Op het eerste zicht een duo gezapige vijftig plussers die gezeten op het terras van hun veranda, de gitaren losjes op de knieën, inderdaad niet lang meer moeten talmen om de wereld op hun bestaan te wijzen. Een twaalftal hersenspinsels waren voldoende om in hun opzet te slagen en met songs als de leuke opener "Sweet Marie", de voorzichtig West Coast country -rockertjes "Growling Dogs", "Everything I've Been Doing", "Find Another Fool" en "Nothing Lasts Forever" een aangenaam (retro) soundje uit the seventies opdissen. CSN & Young, the Eagles, the Beatles zijn nooit ver weg uit de buurt en met "The Hangman", "Mexico or Bust" en "You & Me" zweeft zelfs de verruimende (?) geest rond van de outlaws Waylon Jennings, Willie Nelson, Kris Kristofferson, Merle Heggard, David Allan Coe, Billy Joe Shaver. "Pretty Lady" refereert dan weer naar de periode dat Jim Croce, James Taylor en consoorten het mooie weer maakten in het singer/songwritersgebeuren. Niets werelschokkends maar het duo heeft zich ongetwijfeld kostelijk geamuseerd en mocht voor deze gelegenheid beroep doen op een schare vrienden die zich vooral mochten uitleven op gitaren, dobro, drums in de afsluiter "It's Over".


STINKY LOU & THE GOONMAT
FAT SAUSAGE FOR DINNER
Website / www.myspace.com
Email: thegoonmat@hotmail.com
Label: Naked Productions
Distr: Bertus / www.bertus.com
www. cdbaby.com
VIDEO 1 VIDEO 2

 

Reeds vanaf de eerste noten van de opener "One More Time" ben ik verloren, dit is waar ik van hou, echte onvervalste juke joint alsof hij midden in de Mississippi Delta gemaakt is, allerlei namen komen in me op als ik dit hoor: T-Model Ford, R.L Burnside, Fat Possum. Dit is zo echt en authentiek dat je het niet voor waar neemt. De productie was in handen van Mark T. en dat verklaart natuurlijk al veel. Deze jongen heeft een neus voor en de kennis van zaken om zulke productie tot in de perfectie af te werken. Eén gitaar (the Goon Mat) en bassist Stinky Lou (op wastobbe bas). Als derde lid van de band is er nog Bernardo Fabian op harmonica. Lord Bernardo voor de vrienden. Dit is blues zo ruig en eerlijk, simpel en uitgekleed tot op de blote bast. Zoals ik al zei, de echte Fat Possum sound made in France/Belgium. Alle nummers zijn van de hand van Mathias Dalle a.k.a.”The Goon Mat”. Hier en daar ook wat vroege Chess geluiden, zoals het aan Little Walter herinnerende "You Drive me Crazy” of de John Lee Hooker boogiesound in “It’s A Shame”. Elk nummer ben je weer verrast door de stem van The Goon Mat, zijn stem en gitaarstijl lijken als 2 druppels water op die van Johnny Shines, de erg onderschatte delta slidegitarist; die veel samenwerkte met Mississippi Fred McDowell. Ik had vroeger een L.P van hem en nu lijkt het soms of ik deze terug hoor, niet dat er iets gecoverd of gecopieërd is, enkel de sound is zo gelijkend. Nummer voor nummer blijft deze cd boeien, vooral door die unieke oude bluessound. Nog eens hoed af voor Mark T, die deze opnames op de juiste manier wist in te blikken en ik raad aan deze jongens zeker gaan bekijken als ze in de buurt vertoeven, want dan krijg je een adrenaline stoot van 90 minuten vol met Breathtakin’ Blues, Boogie, Burnside en Booze. Bekijk ze op 26 augustus in (Ge)Vareninkel tijdens het jaarlijkse bluesfestival!
(RON)




YARN
Website: www.yarnmusic.net
www.myspace.com
Label : Eigen Beheer
www.blakechristiana.com
www.cdbaby.com

 

"Yarn's organic blend of alt-country music has the warmth of old vinyl, the soul of Gram Parsons and the lyrcism and profound musicianship that only comes from each members dedicated musical journeys. " (CD Baby)

 

Meer moet dat niet zijn en het zoveelste bewijs dat een goed doordachte slogan de (muzikale) nieuwsgierigheid van velen weet te prikkelen. Al moeten wij, eerlijk als wij zijn, toegeven dat de meeste presskits met een korreltje zout, sommigen zelfs met een ganse kilo, moeten genomen worden. Met het debuutalbum van het in Brooklyn gevestigde bandje Yarn wordt de waarheid echter geen geweld aangedaan. Blake Christiana (vocals & guitar) zette zijn bandje The Family Dog op non-aktief en wist Trevor Mac Arthur (vocals & guitar) te overtuigen om hun roots/rock/jam koers à Wilco om te buigen naar een meer bluegrass tinged country richting. Bovendien deed Shane Spaulding (Family Dog) meer dan zijn duit in het zakje door samen met Blake voor een aantal prima songs te zorgen. Tot wat dit alles leidt ... een schitterend album dat volgens mijn bescheiden mening tot één van de hoogtepunten van 2007 gaat uitgroeien. Blake Christiana steekt zijn bewondering voor David Grisman en Jerry Garcia niet onder stoelen en banken en slaagt erin met de hulp van onder meer Andrew Hendryx (mandolin, harmonica), Josh Roy Brown (lap steel, resonator), Kenji Bunch (fiddle, viola) een soundje te creëren dat hier en daar wel enkele raakpunten vertoont met de muziek van boven vermelde heren. Opener "Listen Up Sweetheart, treat me like a lady" rechtvaardigt de aankoop van dit album in zijn ééntje, de bluegrassdeuntjes "Bad Bad Man", "25 Years", "Woman on the Interstate", "Dear Mama, I'm So Sorry" en "Cat and Mouse" klinken nergens ouwbollig maar slagen er in om erg vooruitstrevend voor de dag te komen. Het pareltje "No Future Together" mag dan boekdelen spreken, de leden van Yarn mogen de toekomst met vertrouwen tegemoet zien ... "Don't Break My Heart Again" is een gehaaide Radio -1 hit die voor hetzelfde geld het levenslicht zag op het album "Desire" van Bob Dylan, "Wishing Well", "Madeline" en "The Contender" doen menig singer/songwriter groen zien van jaloezie. Niet alleen de buurt van "Tennesee" wordt met dit schijfje op een doeltreffende manier op de hoogte gebracht van het bestaan van een groepje jonge honden die onder leiding van Blake Christiana (schitterende stem heeft die man) geschiedenis gaan schrijven maar ook de redaktie van Rootstime loopt zich het vuur uit de sloffen om al dit moois wereldkundig te maken .... "People Get Ready, Yarn's a Coming", "Angel in Woodstock" .... it took a long time to be famous ... but I LOVE THE WAY!




DALLAS FRASCA AND HER GENTLEMEN
LEARN YOUR ROUTES
Website: www.dallasfrasca.com
E-mail: mail@dallasfrasca.com
Label: eigen beheer
www.cdbaby.com
VIDEO 1 VIDEO 2

 

Vijf songs slechts, maar wat voor songs ... Dallas Frasca is een natuurtalent, letterlijk en figuurlijk. Haar sound is down to earth en natuurlijk, een rauwe krachtige bluesstem en een even ruige slide trekken vanaf de eerste seconden de aandacht, alsof deze Australische nooit wat anders gedaan heeft, nochtans heeft ze tot in januari 2005 nooit een noot gitaar gespeeld en werkte ze tot voor kort als laborante12 uren shifts. Belangrijk daarbij was dat ze gedurende deze schift helemaal alleen in haar lab was, alleen met een transistor radiootje waarbij ze altijd ongestoord kon meezingen. Als je 12 uur aan een stuk kan oefenen, ongestoord mag meebrullen, moet je wel een sterke stem krijgen. Sindsdien heeft ze in een aantal bands gezongen, die varierden in stijl van punky tot roots. Tot ze in 2005 haar debuut-ep "Acoustic Slide Groove" uitbracht en ons op dit korte werkstuk meteen toonde een hele grote te zijn. In die twee jaren dat ze slide speelt heeft ze nu al bereikt wat anderen pas na een lange carrière verwezenlijken. Ze mag gerust naast bijvoorbeeld Ben Harper geplaatst worden. Grappig is ook de groepsnaam "Her Gentlemen" zou beter "Gentleman" geweest zijn want het is enkel en alleen Jeff Curran (foto) op dobro en mandoline die haar begeleidt, dit samen met de slide van Dallas en de "Stomp Box" vormt het hele instrumentarium. Dit is net wat deze E.P. zo apart en origineel maakt, het gevulde geluid dat ze met hun tweetjes produceren, is een mooie mix van ruige slide sounds op het einde een accapella slave song "Don't Let No-One Bring You Down". Met haar debuut won ze de prestigieuze Triple Jay award uit meer dan 500 deelnemers, deze prijs betekent erg veel in Australië en levert tevens veel airplay op.De verwachtingen staan dan ook erg hoog gespannen voor "Learn Your Routes". Ondertussen tourt ze met Xavier Rudd en heeft ze reeds door de pers het label "Modern Day Janis Joplin" opgeplakt gekregen. Alles lijkt er dus op dat dit meisje met het rastakapsel het in Australië zeker aan het maken is. Uit ervaring weten we echter dat bands vandaar, zeker rootsmuzikanten, zelden hier een kans kunnen krijgen, gewoonweg te ver voor festivals en dergelijke. Spijtig, want ik kijk meer dan rijkhalzend uit naar haar eerste echte full-cd, want met negen nummers verdeeld over 2 producties zitten we nog op onze honger.
(RON)



THE ERIC STECKEL BAND
LIVE AT HAVANA
www.ericsteckel.com
gigs@ericsteckel.com
Label : Rounder Europe
www.roundereurope.com
Distr.: Munich Records
www.munichrecords.com

De absolute bluessensatie van 2005 was wel the Eric Steckel Band! Dat talentvolle jongeren niet alleen in de klassieke wereld worden ontdekt bewijst dit 16-jarige supertalent uit Allentown Pennsylvania, waar hij bekend werd door gastoptredens bij de beste muzikanten uit de streek. Terwijl leeftijdsgenoten klooien met de nieuwste computergames volleert deze kindartiest zijn talenten op gitaar. Zijn eerste muzikale invloeden leidden hem naar zijn eerste Fender Stratocastor toen hij negen jaar oud was. Verwachtingsvol dichten de kenners hem een toekomst toe in de categorie Jimi Hendrix, Stevie Ray Vaughan en Freddie King. Hij heeft ondertussen een grote schare fans achter zich en iedereen die hem voor het eerst ziet blijft achter met een gevoel dat ze iets "speciaals" hebben meegemaakt. Het verbaasd dan ook niet dat hij al met de grootste namen uit de blueswereld wordt vergeleken. Zijn enorme passie voor de Blues zorgde ervoor dat hij al snel de grote podia deelde met artiesten als Bob Margolin, Debbie Davis, James Armstrong, Steve Guyger, Kenny Neal, Chris Beard, Tommy Castro, Joe Kubek en Solomon Burke. En dat Eric Steckel een begenadigd gitarist is, blijkt wel uit het feit dat niemand minder dan de legendarische John Mayall hem mee nam op diens Europese tournee gedurende de zomer van 2004. Op 11-jarige leeftijd verscheen zijn eerste cd "A Few Degrees Warmer" (werd live opgenomen in april 2002) die hoog noteerde in de bluescharts. In 2003 ontving hij "The Lehigh Valley Music Award" voor zijn uitzonderlijk electrisch gitaarspel en speelde hij op het Sarasota Bluesfestival en werd hét gespreksonderwerp van de dag hoewel ook Coco Montoya, John Mayall en Solomon Burke hier op de affiche stonden. Na algemeen verzoek van het publiek stond hij in 2004 terug op hetzelfde festival. In 2005 verscheen de cd "High Action" waarop hij zijn talenten verder uitbouwt, een cd die werd opgenomen tijdens de winter van 2003-2004. Om deze cd te promoten, volgde zijn eerste eigen Europese tour, met als absolute hoogtepunt zijn performance op het Bugaboos Bluesfestival, Mol/Millegem, (zijn enige optreden hier in Belgie), alwaar hij een uitzinnig publiek verraste met zijn fabuleuze gitaarspel en waar ik mezelf meermaals heb betrapt dat ventje met open mond aan te staren. Vorig jaar verscheen een live cd "Live At Havana", opgenomen op 17 december 2005 in Havana / New Hope - PA. Rounder Europe in Wageningen heeft deze cd begin augustus uitgebracht op het label Me & My Blues. Hierop staat naast Eric een zeer soliede rhythm-sectie met Wayne Smith (drums), Nick Franclik (bas), Robert Sands (toetsen) en Duane Trucks (drums). Met een stijl die aan de grootsten doet denken, combineert hij verschillende invloeden ('the three kings': Freddie King, B.B. King en Albert King, met wie hij alle drie al heeft gespeeld) maar toont vooral dat "the real thing" uit hart en ziel moet komen. De helft van de plaat is instrumentaal en hij gaat behoorlijk tekeer, vele licks om je vingers bij af te likken. Er is zowel eigen materiaal, het geweldige, Santana getinte "Espirita" of zijn bijna elf minuten durende slowblues "Radio Blues" bijvoorbeeld, naast vier covers "San-Ho-Zay" van Freddie King, "Me and My Guitar" van Leon Russell, "All Your Love" van Otis Rush en "Little Wing" van Jimi Hendrix. Ik heb zelden een jeugdige knaap dit laatste nummer op zo’n magistrale manier weten spelen. Kortweg: The Eric Steckel Band brengt 'heavy electric guitar blues' uit de jaren 60 en 70 waarin Eric zich niet beperkt tot de covers van het genre, maar wel een hele hoop eigen nummers brengt. Dit was een optreden met zeer grote klasse en doet met plezier uit kijken naar het Bugaboos Bluesfestival waar hij ook wederom op het programma staat en dit voor de afsluitende Tommy Castro. We kijken er al naar uit!

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Opgelet : nog slechts 100 tickets beschikbaar !

Zaterdag 9 Juni 2007
Bugaboos Bluesfestival
In Mol-Millegem (B)

Tommy Castro Band (USA)
Eric Steckel Band (USA)
Reba Russell Band (USA)
Twelve Bar Blues Band (NL)
Tim’s Blues Combo (B)

Wanneer:

op zaterdag 09/06/2007 om 16:30
Waar: In de tent achter muziekcafé Meulenberg, Milostraat 1 2400 Mol
Verdere INFO: www.bugaboos.be - jo@bugaboos.be - Jo Verboven 0473 47 21 79.



STEVEN MARK
RACING GREY
Website: www.stevenmarkmusic.com
www.myspace.com
Email: Steven@StevenMarkMusic.com
Label: Basset Records
Info: G Promo / Geraint Jones
gpromo@btinternet.com
VIDEO



Op het debuut "Distraction" (2004) en het album "Aloneaphobe" uit 2005 van de New Yorkse Steven Mark, was reeds veel melodieuze pop te horen, hetgeen nu ook op de opvolger "Racing Grey" weerklinkt: prachtige popliedjes, als Steven Mark zich zelf omschrijft: "Elliott Smith meets early REM with a touch of Alice In Chains Unplugged". Zoetgevooisde vocalen, mooie melodieën, sterke teksten en alles van zo'n breekbare intensiteit dat Elliott Smith weer tot leven lijkt gekomen. Waar hij met de voorganger zijn inspiratie zocht hij in de film "Eternal Sunshine Of The Spotless Mind" houd hij het nu meer bij de sterfelijkheid. En wederom zijn de meeste songs, fantastische staaltjes van eigentijdse pop en zijn soms zelfs Beatlesque te noemen, zoals "Forever Tonight", "Our Sun Must Set", "Take Your Place Now" en het aan zijn vader opgedragen "Father Journeys On”. Andere songs met een meer melancholieke inslag zijn "Our Sun Must Set" en "Angel’s World", songs geïnspireerd naar de dood van zijn trouwe vriend, zijn hond Luther. Maar daarentegen ligt een rocker als "Paris Hilton Generation" uitstekend in het gehoor. De voorzichtige fluisterstem van Mark is geen stem die je meteen van je stoel doet vallen, maar hij maakt uitstekend gebruik van de beperkte mogelijkheden. Instrumentaal neemt Mark als op zijn vorige platen, gitaar en piano voor zijn rekening, en wordt hij op "Racing Grey" op bescheiden wijze ondersteund door Matt Wilcox eveneens op gitaar en piano, Randy Lee op basgitaar en Tony Graci op drums en percusie. Voor wie van mooie muziek houdt een schitterende cd. De plaat is ook gevarieerder dan zijn vorige cd's, van de dertien songs zijn twaalf zelf geschreven naast de Sandy Shaw-hit "There’s Always Something There To Remind Me" (geschreven door Burt Bacharach), en ik ben zeker dat wie éénmaal "Racing Grey" heeft aangeschaft, zeker zal op zoek gaan naar deze voorgangers. Zijn fluisterende zang en de intieme sfeer die zijn cd's hebben zorgen ervoor dat je het idee hebt dat hij het alleen tegen jouw heeft en dat is misschien wel waarom menig fan, Steven Mark in het hart sloot