ROOTSTIME cd reviews

ARCHIEF - OKTOBER 2006 - NOVEMBER 2006 - DECEMBER 2006 - JANUARI 2007


 

 



BO RAMSEY
STRANGER BLUES
Website : www.boramsey.com
Info: bo@boramsey.com
Label: Bo Ramsey Records / Continental Song
Rounder Europe / www.roundereurope.com
Distr.: Munich Records / www.munichrecords.com

 


.... Many roots musicians have schooled in the blues but Bo knows blues ! (Michael Ross, Puremusic.com)
.... Some call him a genius, but perhaps the best discription of him came from legandary singer / songwriter Lucinda Wiliams, who said " He just drips cool"

 

Robert Franklin "Bo" Ramsey (1951) nog voorstellen is een open deur intrappen. De singer/songwriter/producer en uitmuntend gitarist kan beschouwd worden als een van de grondleggers van de typische "Iowa" sound oftewel Chicago blues, downhome country, honest rock & roll en traditional folk. Zijn samenwerking met Greg Brown houdt veel langer stand dan de meeste huwelijken en het lijstje van bevriende artiesten neemt bijna de volledige website van Rootstime in beslag. Een kleine impressie: Teddy Morgan, Kate Campbell, Kevin Gordon, Lucinda Williams, R.B. Morris, Steve Young, David Zollo, Pieta Brown, Mark Stuart, Pete Seeger, Anne Di Franco, Iris De Ment... Bovendien was hij recentelijk nog sterk aanwezig op Jeffrey Foucault's album "Ghost Repeater" (zie rev:April 06) en moet iedere muziekliefhebber minstens zijn albums "In the Weeds" ('97), "Down to Bastrop" ('96) en zeker "Bo Ramsey & the Backsliders Live "(95) in huis hebben. Mocht dat niet zo zijn dan kunnen wij je van harte aanbevelen het onlangs, op zijn eigen label, verschenen album "Stranger Blues" in huis te halen. Een pracht album dat, wanneer je het lijstje overloopt van songs en de traditionele uitvoerders, je ontegensprekelijk het water in de mond doet krijgen, de nekharen doet overeind komen en je opzadelen met een massa kippenvel: overtuig jezelf :

1. Stranger Blues (Elmore James)
2. Hate To See You Go (Walter Jacobs)
3. Sitting On Top Of The World (Traditional)
4. Jump, Baby, Jump (Jessie Mae Hemphill)
5. Crazy Mixed Up World (Willie Dixon)
6. Little Geneva (McKinley Morganfield)
7. You Got Me Dizzy (Jimmy Reed-Ewert Abner Jr.)
8. I Wanna Get Funky (Carl William Smith)
9. No Place To Go (Chester Burnett)
10. Unseeing Eye (Sonny Boy Williamson)
11. Freight Train (Elizabeth Cotten)
12. Where The Sun Never Goes Down (Traditional)

"Stranger Blues" kan beschouwd worden als een concept album dat je kan lezen als een boek dat weliswaar twaalf verschillende verhaaltjes herbergt maar allen één ding gemeen hebben, de passie, bewondering voor the blues, 'nothing but the blues' in zijn meest primitieve maar typische Bo Ramsey benadering. Een album dat emoties doet oplaaien, teruggrijpt naar lang vervlogen tijden dat je met je laatste spaarcenten naar de platenboer trok om "die" lp aan te schaffen die niet in je collectie mocht ontbreken. Wel ... "Stranger Blues" is zo een album, een album waar het blueswereldje trots op kan zijn ... en meteen een act die niet mag ontbreken op de editie van BRBF Peer (Belgium) 2007. Bo Ramsey, Pieta Brown, Ricky Peterson, Greg Brown, Joe Price, David Zollo, Steve Hayes, Rico Cicalo, Benson & Alex Ramsey mogen hun tickets al bespreken!


Het wordt langzamerhand weer tijd om uit te zien naar het Blue Highways Festival, want op zaterdag 21 april 2007 zal Bo Ramsey aanwezig zijn naast o.a. Danny & Dusty, Pieta Brown, Chip Taylor, Hacienda Brothers, Joe Ely, Kevn Kinney & STAR, Ollabelle, Shooter Jennings, Po' Girl, Kris Delmhorst, Diana Jones, Stephen Simmons, The Road Kings en Hayden Thompson.

 



PAUL ORTA & LAZY LESTER
SHUFFLE WITH LESTER
Website: www.great-recordings.com
Email: music@great-recordings.com
Distribiteur: Blues Promotion / Parsifal
www.blues-promotion.be
blues.promotion@proximedia.be
www.cdbaby.com/cd/paulorta

Van Blues Promotion in Lauwe (dist. Parsifal) kregen we een aantal cd's van "Great Recordings" uit Texas, een label waar we in de toekomst zeker nog meer van gaan horen. Deze keer is het de beurt aan de cd "Shuffle With Lester", een samenwerking tussen Lazy Lester en Paul Orta, een van mijn favoriete bluesharp spelers. Lazy Lester, ook een meester op de harp, neemt op een vijftal nummers de smoelschuiver ook ter hand. Bijgestaan door Uncle Tohn Turner op drums en Ervin Charles op gitaar (beide bekend van hun samenwerking met Johnny Winter), zorgen deze heren voor een totaalgeluid van "Real Deal Low Down Dirty Blues". De opnames dateren van 1999 en werden reeds eerder uitgebracht door "Blues International" in 2001. Deze re-release van Great Blues Recordings is dan ook toe te juichen, want zoals de labelnaam zegt, this is a great bluesrecording ... Veertien nummers, netjes verdeeld in de helft eigen werk (van Paul Orta) en de andere helft zijn covers van onder andere Jimmy Reed, Little Walter, Snooky Prior, Elmore James en Sonny Boy Williamson. Lazy Lester heb ik altijd gezien als een zeer onderschatte bluesartiest, die meer naambekendheid verdiende en dat wordt hier weer eens bewezen door deze opnames. Als opener steekt de Orta compositie "She Knows How" al meteen het vuur aan de lont, in de geest van Little Walter, boogie till you drop,guys! "Bright Lights Big City" hoeft geen beschrijving, Jimmy Reed anno 2000. Zo gaat het nummer na nummer verder, zoals gezegd: Real Deal & Low Down. Zij die me kennen weten dat ik een zwak heb voor chromatic harp, dus gaat er een speciale vermelding naar "Tear Drops", waar Orta me meerdere malen kippevel bezorgt met zijn gevoelsvolle harpsolos. Ook "Don't Start Me Talking" van Sonny Boy Williamson is natuurlijk al zoveel gecoverd, maar hier is vooral vocaal het origineel alle eer aangedaan. Het is of Rice Miller zelf weer achter de microfoon staat. For lovers of bluesharp, look no further, "Shufflin With Lester" is shore t' pleez! There's many bluesplayers that talk the talk, these guys walk the walk!
(RON)



FRANKIE MILLER
LONG WAY HOME
Website: www.frankiemiller.net
www.myspace.com/frankiemiller
Label: Brighton Music
Distr.:Label: Jerkin ' Crocus (UK) Records
www.jerkincrocus.com
mick@brown54.fsbusiness.co.uk



De uit Schotland afkomstige zanger Frankie Miller kende in de jaren '70 een redelijk voorspoedige periode. De platen die hij in dit decennium voor Chrysalis maakte werden weliswaar geen kaskrakers, maar verkochten toch redelijk. Zodat hij steeds weer een nieuwe plaat mocht maken. Nadat hij zijn debuutplaat "Once In A Blue Moon" (1973) had opgenomen met de mensen van Brinsley Schwarz kon hij voor zijn tweede plaat naar New Orleans om onder leiding van Allen Toussaint "High Life" (1975) op te nemen. Deze samenwerking pakte erg goed uit en "High Life"is dan ook één van de hoogtepunten in het oeuvre van Miller. De opvolger "The Rock" (1975) nam hij op mijn zijn nieuwe band en onder leiding van Elliott Mazer (Neil Young). In 1979 verscheen zijn zesde album "Falling In Love", waarop het zeer succesvolle "Darlin'" terug te vinden is. Miller schreef menig hit voor Rod Stewart, Bonnie Tyler en diverse anderen, maar kreeg als artiest zelf nooit de bekendheid die hij verdiende. In 1994 werd de zanger getroffen door een herseninfarct die hem vijf maanden in coma zou houden. Later is hij wel weer muziek gaan schrijven voor anderen. Want songs schrijven kan-ie. Het is een Schot maar z’n stem lijkt gedrenkt in het diepe, zwarte zuiden van Amerika. Miller luisterde bijvoorbeeld naar Sam Cooke, maar wist later een eigen invulling te geven aan zijn witte blues. Met "Love Letters" en "Be Good To Yourself" wist hij ook in ons land te scoren. Echter is hij nooit echt hersteld van zijn coma, reden genoeg dus om hem even in het zonnetje te zetten. Het nieuwe album "Long Way Home" is een verzameling van nooit eerder uitgebracht materiaal, met een geweldige band achter zich, want hier vinden we op slidegitaar hero Joe Walsh (The Eagles), de ondertussen betreurde pianist Nicky Hopkins (Jeff Beck Group), drummer Ian Wallace (Bob Dylan & King Crimson) en Miller's oude maatje Chrissie Stewart (Frankie Miller's Full House) op bas terug. Negen songs componeerde Miller samen met Will Jennings ("Tears In Heaven", "Theme From Titanic", "Up Where We Belong"), Scott English, Bob Young, Graham Lyle, Billy Livsey en Jerry Lynn Williams. "You're The Star" en "Over The Line" waren respectievelijk hits voor Rod Stewart in 1995 en voor The Bellamy Brothers. Naast deze originals zijn er twee covers, Bette Midler's "The Rose" en die goeie oude tearjerker "He'll Have To Go" van Jim Reeves waarvan we hier een zeer rockende versie horen. Hoogtepunten zijn voor ons de meer intimistische momenten, zoals "Win Lose Or Draw" en "You Always Saw The Blue Skies", nummers die hij samen schreef met Will Jennings, die ook op deze songs de gitaar voor zijn rekening nam. Daar tegenover weet de openende rocker, "Guilty Of This Crime", met Joe Walsh op slide en Nicky Hopkins op barrelhouse piano meer dan te bekoren. De plaat besluit met een superieure uitvoering van "It's A Long Way Home", de meestal zo soepele stem van de Schotse meester heeft zelden zó deemoedig geklonken als in deze tranentrekkende smartlap. Kortom: "Long Way Home", van begin tot eind zingt Miller met hart en ziel en op de beste momenten krijgen zijn vocalen de klagende toon die zijn zang zo onweerstaanbaar maakt.


NATHAN HAMILTON
SIX BLACK BIRDS
www.nathanhamilton.com
www.myspace.com/nathanhamiltonmusic
info@nathanhamilton.com
Label : Tamale Pot records
Distr.: Lucky Dice Music
www.luckydicemusic.com


Er zijn artiesten die al direct bij hun eerste opnames grote verkoopsuccessenboeken. Er zijn er ook die daar hard en lang voor moeten werken. Om maar niet te spreken van de grootste categorie: de goudzoekers die na jaren zwoegen de conclusie moeten trekken dat succes nooit voor hen weggelegd zal zijn. De in Abilene, Texas, geboren en getogen singer/songwriter Nathan Hamilton timmert al vanaf 1993 hard aan de weg. Aanvankelijk met zijn Good Medicine Band en sinds 1999 solo. Tot de eerste categorie behoort hij dus niet. Afgaande op de kwaliteit van zijn tweede soloplaat "All for love and Wages" (2002) en zijn liveplaat "Live At Floore´s Country Store" (2003) met zijn begeleidingsgroep No Deal, is het ook onwaarschijnlijk dat hij in die laatste categorie thuis hoort. Het enthousiasme waarmee Nathan zijn countryrock, zijn zelfgeschreven songs vertolkt, belooft veel. Hij is de winnaar van de prestigieuze Kerrville New Folk Award 2000. Hiermee heeft hij zichzelf in het goede gezelschap geplaatst van voormalige winnaars als Slaid Cleaves, Steve Earle, Lyle Lovett en Robert Earl Keen. Met zijn goed in het gehoor liggende zelfgeschreven liedjes en met zijn prettige zangstem behoort hij momenteel tot de top van de roots rock scène. Geïnteresseerde muziekliefhebbers vinden wederom hun heil bij het vierde album "Six Black Birds" waarvan het Nederlandse Lucky Dice de distibutie op zich nam. Hamilton maakt country-rock met thema’s van stoffige, verlaten straten in dorpjes vol vergane glorie, ruwe olie, barbecue, bloed, zweet, tranen, verschaald bier, whiskey en sigaretten. Dit is country voor mensen met eelt op de handen en prut onder hun nagels, gekleed in vale, smerige spijkerbroeken. Gewoon verhalen uit het leven gegrepen. In Hamilton’s liedjes komen de figuren uit zijn verhalen moeiteloos tot leven. Thuis in zijn eigen staat heeft hij met zijn live optredens en indrukwekkende albums inmiddels al een onuitwisbare indruk achtergelaten. Hij kan momenteel dan ook met recht beschouwd worden als één der Texas’ troubadours. Bij zijn debuut album "Tuscola" (2000) was de begeleiding nog spaarzaam maar gaandeweg is alles meer ritmisch en tegelijkertijd meer rockend geworden. Op Nathan’s nieuwe album "Six Black Birds" horen we roots rock en oversneden rauwe rock & roll, gepeeld vol passie en oprechtheid. Met name is er een hoofdrol weggelegd voor gitarist Billy Brent Malkus, die alle solo´s voor zijn rekening neemt soms even subtiel bluesy, maar op andere momenten golven grimmige riffs, en dat zijn er heel wat. Onze voorkeur gaat dan vooral naar die echte rockers als het openende "Sooner Or Later", en als deze energiek, rauwe songs afgewisseld worden met het rustiger werk, gaat onze voorkeur naar de prachtige ballade "Frame To Finish". Echte country rock dus, voor echte mannen. Het producersduo Darwin Smith en Erik Wofford zorgde met "Six Black Birds" voor een klasse country'rock'plaat, waarbij liefhebbers van mede Texaanse legendes als Steve Earle, Robert Earl Keen en James McMurtry zeker aan hun trekken komen.


 


NATHAN HAMILTON LIVE

 

Donderdag 01 februari - Desmet Live, Amsterdam
Live radio met publiek van 18.00 tot 19.50 uur

Vrijdag 02 februari - M.C. Vredenburg, Utrecht
met Chris Smither

Zaterdag 03 februari - Paard van Troje, Den Haag
met Chris Knight

Zondag 04 februari - Cultureel Podium Roepaen, Ottersum
met Chris Knight


Donderdag 08 februari - Pleintheater, Amsterdam
Dit is de tweede in een reeks 'singer-songwriters in het Pleintheater'. Elke maand (behalve in de zomer) zal er een editie zijn. In het voorprogramma zullen studenten van het Conservatorium drie nummers laten horen in het kader van hun studie. Na het optreden is er gelegenheid tot een 'Meet and Greet' in de gezellige bar/foyer van het theater. Daar kan kennis gemaakt worden met de artiesten, onder het genot van een drankje. Lucky Dice Music mailorder zal daar ook zijn met de mobiele winkel, met veel nieuwe releases en speciale aanbiedingen.
Het Pleintheater bevindt zich in Amsterdam-Oost achter de Mauritskade op Sajetplein 39, zie ook Error! Hyperlink reference not valid.
Kaarten kosten 10 euro , reserveren kan telefonisch via het Pleintheater op 020-6933380. Voorprogramma: Jolien Grunberg, Jan Jaap Snellen.
Er zijn slechts ca. 80 zitplaatsen, dus reserveren wordt van harte aanbevolen.
Voorstelling begint om 20:30 uur, let wel na aanvang is er (tot de pauze) geen toegang meer tot de zaal.

voor meer info:
http://www.luckydice.nl/nathanhamilton/
http://www.nathanhamilton.com/
http://www.myspace.com/nathanhamiltonmusic

 



DAN BERN
BREATHE
Website: www.danbern.com
www.myspace.com/danbern
Mail:danbern@gte.net
Label: Cooking Vinyl
www.cookingvinyl.com
Distribution : Bertus
www.bertus.com

Verdeler Bertus stuurde ons deze week de nieuwste CD van Dan Bern, waarvoor dank. We zijn er zeer blij mee. Deze artiest is het alter-ego van de jonge versie van Bob Dylan. Bijwijlen weet je niet of “Bwab” of Dan Bern de microfoon hanteert en dat is een levensgroot compliment voor deze laatste. Op onnavolgbare wijze neuzelt Dan Bern zijn voortreffelijk zelfgeschreven songs op eenzelfde wijze als de grootmeester het (blijkbaar niet) alleen maar kan. De man uit New Mexico, USA brengt ons op zijn 6e full-CD “Breathe” 10 ronduit prachtige liedjes met heerlijke teksten, in de literaire stijl van zijn grote voorbeelden Charles Bukowski en John Fante met de nodige dosis humor en woordspelingen op subtiele wijze in de lyrics verwerkt. Als producer heeft Dan Bern deze keer een beroep gedaan op Chuck Plotkin, die eerder zijn sporen verdiende bij Bruce Springsteen. Opgegroeid in Mt. Vernon, Iowa en gepassioneerd door sport - vooral baseball – werd zijn muzikale nieuwsgierigheid gewekt door het eerste instrument dat hij leerde bespelen, de cello. Overgeschakeld op gitaar ontdekte hij dat hij met dit instrument ganse songs tot leven kon brengen en er persoonlijke teksten kon aan toevoegen. Die teksten durven ook wel eens zijn politieke engagement tot uiting laten komen. Zo is hij duidelijk geen beste maatjes met de Amerikaanse president Bush en diens internationale politieke beleid. In de afsluitende song “Another Man’s Clothes” heeft hij het over hoe hij één en ander zou aanpakken mocht hij het voor het zeggen hebben. De Bob Dylan in Dan Bern komt het meest naar voren in songs als “Trudy”, “My Back Pages” en “Chimes Of Freedom” waarin ook zijn songschrijverstalent ten volle tot uiting komt door de treffende raakvlakken met het betere werk van een Elvis Costello, Woody Guthrie of Leonard Cohen. Maar er is ook een swingend rockende Bern in “Rain” en in het Springsteensiaanse, epische, majestueuze en 8 minuten durende nummer “Past Belief”. De boodschap in titeltrack “Breathe” is dan weer eenvoudig: stop meteen waar je mee bezig bent en adem eens heel diep. De catchy riff van deze song blijft meteen vastgenageld in je geheugen. In “Remember Me” horen we een simpel maar zeer mooi liefdesliedje (“als ik een boom was zou ik mijn takken schudden als je onder me doorwandelt en je bedekken met mijn bladeren tot ik er geen meer had” – zeg nu zelf: zo iets heb je toch nog nooit gehoord van je eigen geliefde). “Suicide Room”, “Tongue Tied” en “Visit In My Dream” zijn gewoonweg ijzersterke songs. Niet voor niets werd het album “Breathe” zopas geselecteerd als winnaar van de Independent Music Award 2006 in de categorie “Best Album Folk / Singer-Songwriter”. Hierbij zaten Peter Gabriel, Suzanne Vega, Cindy Lauper, Fatboy Slim en andere grote namen in de jury. Moeten we het nog wat meer uitleggen of snap je de boodschap: kopen en genieten.
(valsam)



CELILO
THE MAN WHO OWNS THE SAND
Website: www.celiloband.com
www.myspace.com/celilo
Email: csm71@hotmail.com
Label: Homesweet Music
www.cdbaby.com/cd/celilo4

 

Celilo Falls is een machtige waterval in de Columbia-rivier die echter niet meer bestaat, maar Celilo uit Portland, Oregon bestaat echter wel en dit lieten ze duidelijk horen op hun debuutalbum "Sweetest Thing" (2004), "Ricochet" (officiële uitgave van Sweetest Thing -2005) en "Homesweet and Leery" (2006). Frontman-componist-zanger-gitarist Sloan Martin heeft zo'n typerende stem die heel geschikt is voor alt.country en de alternatieve alt.country. Tevens heeft deze gitarist ook alle elf songs op het nieuwe album "The Man Who Owns the Sand" neergepend, en zoals bij meerdere songwriters horen we hier invloeden van Townes Van Zandt. Verder horen we ook Annalisa Tornfelt (Bearfoot Bluegrass) op fiddle en backing vocals, Paul Brainard (Richmond Fontaine) op lap steel, Jeff Lyster (Eels and Fernando) en Dave Pulliam (Cabinessence). "The Man Who Owns the Sand" is een goed in elkaar zittend album, wat zeker zijn weg naar de liefhebbers van countyrock wel weet te vinden. Celilo is eindelijk weer eens een band die de kunst van het schrijven van perfecte rootsliedjes weet te combineren met het maken van uit de tenen komende alt-country songs. Het levert muziek van wereldklasse op. "The Man Who Owns the Sand" resulteert wederom in even mooie harmonieën en prachtige pedal steel als in de vorige albums en een werkelijk fantastische zanger houden de aandacht elf nummers lang moeiteloos vast. Volstrekt tijdloze muziek die stevig is verankerd in de tradities van de countryrock, maar ook niet vies is van een dampende portie rock 'n roll. Op hun site lezen we als omschrijving "Wilco meets The Eagles", zijnde voor ons de vroege Wilco, maar toch willen we graag invloeden als, the Band, the Jayhawks, Built to Spill, Pavement, Drive-by Truckers en Little Feat hier aan toevoegen. Celilo is op zijn best op de meer sobere akoestische tracks, als "Back to the Sun" met het uitstekende pedal-steel-spel van Paul Brainard en Martin's aan Neil Young-getinte harmonicaspel en het nummer "Hangover Song" met Martin's Jackson Browne-achtige vocals en het prachtige vioolspel van Annalisa Tornfelt. Andere prijsnummers zijn o.a. "Ring Without A Finger", "None Shall Be King" en het openende "Marmalade", die ons doet denken aan de muziek van Grateful Dead. Wanneer je "The Man Who Owns the Sand" wat vaker hoort valt op dat Celilo niet alleen haar klassiekers kent, maar ook met beide benen in het heden staat. De muziek van de band klinkt bij vlagen misschien wat traditioneel, maar onderhouds broeit de muziek van het heden. Liefhebbers van meer eigentijdse alt-country zullen deze geweldige cd snel in hun harten sluiten. "The Man Who Owns the Sand" van Celilo is een bijzonder aangename verrassing.



IAN PARKER
WHERE I BELONG
Website: www.ianparkerband.com
webcontact@ianparkerband.com
Label: Ruf Records
Website: www.rufrecords.de
Distr.Munich Records
www.munichrecords.com

 


"The best band I've seen in a decade - Ian's voice, feel and guitar technique are what his contemporaries can only dream of!"
- WALTER TROUT

 

Ian Parker is een Brit die in 1976 werd geboren in Birmingham. Op tienjarige leeftijd leert hij de kneepjes van het gitaarspelen en zijn grote voorbeelden in die tijd waren The Beatles om dan later na de bluesrock van Jimi Hendrix te evolueren. In 1994 richtte hij zijn eerste bandje(Strange Brew) op en studeerde later af aan de universiteit van Derby in de Psychologie. Na nog wat bandjes versleten te hebben richt hij dan later Parker's Alibi op waarmee hij het album "Exposed" in eigen beheer uitbracht. Maar na een periode van zoeken naar de juiste mensen was The Ian Parker Band geboren. Deze keer laat zanger/gitarist Ian zich bijstaan door zijn goede vriend keyboard speler Morg Morgan, drummer Andy Edwards (ex-Robert Plant Band) en tenslotte bassist Steve Amadeo (ex- Ansley Lister Band). Omdat Ian altijd het creatieve brein was achter de band was de stap naar een volledige solo carrière een kleine. Parker kenmerkt zich door een eigenzinnige stijl, soms die van singer-songwriter en soms die van bevlogen blues artiest. Dat is waarschijnlijk ook de reden dat het doorbreken van Parker vrij lang op zich liet wachten. Maar na de live cd "Lost & Found" die begin 2003 verscheen, was er in de maand oktober van datzelfde jaar zijn debuut voor Ruf Records, het album "Inside". Dit album was meer een ingetogen werk dan de explosieve gitaarsolo's die we van Parker gewoon waren. De songs die een mix zijn van soul, folk, rock, blues en roots vertonen gevoelsmatige melodieën. Daar waren dertien heerlijke tracks op dit prachtschijfje te horen, songs allemaal geschreven met inhoudelijke, beklemmende teksten. Vier van deze songs waren ook terug te vinden op Parker's liveplaat "...Whilst The Wind" (2005). Afgelopen jaren speelde Parker in het voorprogramma van Eric Clapton en speelde hij samen met labelgenoten Aynsley Lister en Erja Lyytinen in het collectief Blues Caravan, een initiatief van het Duitse Ruf label, op het Moulin Blues Festival in Ospel en Banana Peel te Ruiselede. Deze Blues Caravan was samen met het "Pilgrimage" album, dan ook een kans om te groeien en om ervaringen op te doen, hetgeen we nu kunnen vaststellen bij het beluisteren van zijn nieuw album, "Where I Belong". Deze plaat bewijst niet enkel dat Parker bezielde songs brengt maar dat hij daarbuiten door zijn buitengewoon muzikaal inzicht hem tot een uniek performer maakt. Eens kennis met hem gemaakt, staat zijn muziek voor immer in je hart gebrand. Een grote troef is alvast dat Ian Parker wederom opteerde voor eigen nummers op dit schijfje, elf songs die de algemene vraag naar meer menslievendheid in deze moderne wereld weerspiegelen of zelfs meer het menselijk falen, zoals in "Waste My Days" kenmerken. "Until You Show Me", "Sweet Singing Sirens", "Before Our Eyes" zijn de perfecte voorbeelden van zijn amalgamatie van stijlen, songs waarin zijn sonwriting het best tot uiting komen. Problemen in romantische relaties worden bezongen in de blues-ballade "Coming Home" en het zeer R&B/soul getinte "Your Love Is My Home". Bij deze twee laatste nummers is de productie van Matt Butler wel zeer verwonderlijk, want zo horen we voor het eerst een trompet in een nummer ("Coming Home") en het samenspel met soulvolle blazers in "Your Love is my Home", zijn toevoegingen die we niet eerder hoorden op Parker's vorige albums. Hoogtepunten, jazeker, naast zijn passievolle "Love So Cold", een tearjerker die we als handelsmerk van Parker kennen, gaat onze voorkeur naar "Before Our Eyes", "Don't Hold Back" en "Told My Girl To Go Away" waar Parker's zijn prachtig gitaarspel, zijn soulvolle stem en zijn unieke songwriting, naast het schitterend werk van zijn gewone begeleidingsgroep met o.a. Morg Morgan (piano, Hammond, percusie, backing vocals), Steve Amadeo (bas) en drummer Wayne Proctor gewoonweg uitblinken. Kortom: Ian Parker is the 'Great White Hope' of British contemporary blues music! - the 21st century blues man!



TEXAS BLUES RANGERS
THIN ICE
Website: www.texasbluesrangers.com
Contact:johnny@texasbluesrangers.com
Label: eigen beheer
www.cdbaby.com/cd/tbrangers


 

Dit is het eerste werk van een band waar we volgens mij nog veel van gaan horen, ja met zo’n openingzin hoort U mij waarschijnlijk al komen, dit is klasse. Geopend wordt er met de titeltrack ‘Thin Ice’ en dat is meteen een schot in de roos als je het mij vraagt, lekkere Texas groove voorzien van een catchy zanglijn aangevuld met heerlijke gitaarrifjes. Verder gaan we met ‘Who’s Been Talkin?’ van C. Burnett waarmee deze band bewijst ook op covers een eigen stempel te kunnen drukken, mooi pianowerk en meerstemmige zang. Eén van mijn favoriete songs is het nummer ‘Sad Thing’, een twaalf maten blues die ondersteunt wordt door knap hammondwerk, mooie pianostukjes en als klap op de vuurpijl een gitaarsolo waar zelfs Gary Moore jaloers op kan zijn. Om te bewijzen dat deze heren ook traditionele blues kunnen brengen luister je best naar het nummer ‘A Dose Of The Blues’, niet zo dadelijk my cup a tea maar het mag er zeker zijn. Ik heb ook zelden een band gehoord die het nummer ‘Rollin’ & Tumblin’ van wijlen C. Burnett speelt in het juiste schema zoals de Tewas Blues Rangers doen, chapeau! En natuurlijk mag een traditionele boogie niet ontbreken en daarvoor zorgt het nummer ‘Boogie Woogie Texas Girl’ voorzien van een aanstekelijk refrein. Ik wil naar Texas om deze Texas girl te ontmoeten. Ik ben er zeker van dat je met deze band in huis te halen je publiek verwent van A tot Z. Als afsluiter is gekozen voor een zelf geschreven kerstsong ‘I Think I’ll Skip Christmas (This Year)’ en het mag dan al weer een maand gepasseerd zijn, toch kreeg ik weer even dat warme kerstgevoel. Nu nog even wat meer info over de bandleden: Oprichter is bassist Marc Durham (waarschijnlijk voor velen geen onbekende naam) die niet alleen de bas hanteert maar ook het keyboard en de vokalen. Op gitaar en vokalen hebben we Johnny ‘Reverb’ Holston. Keyboard en vokalen worden verzorgt door Bob Hopkins en op de bluesharp blaast een zekere Don Sanders. Op de cd zit een zekere David Toma achter de drums maar ondertussen is die vervangen door Jay Weeks, volgens de bandsite een multi-instrumentalist. Kopen zonder beluisteren is mijn boodschap.



 

 


CLAUDE DIAMOND
HIGHWAY OF LIFE / DIAMOND DUST
Label : Vettset Music
www.vettsetmusic.com
vettsetmusic@aol.com
Rounder Europe
www.roundereurope.com
Distr.: Munich Records
www.munichrecords.com

 

 

In meerdere opzichten doet Claude Diamond denken aan zijn Amerikaanse landgenoten John Prine, Kris Kristofferson en leeftijdgenoot Billy Joe Shaver. Zijn stem lijkt op die van Prine en net als de grote zanger laat Diamond spitsvondige humor doorklinken in zijn liedjes. Deze singer/songwriter uit het zuiden van de VS, bracht in 2004 zijn debuut "Diamond Dust" op de markt, een countryfolkplaat die zeer positief werd ontvangen in de media en enkele goede noteringen in een paar alternatieve Amerikaanse country-lijsten behaalde. Een cd vol van prachtige, kleurrijke observaties en mijmeringen in sfeervolle country setting, zoals de songs: "Land On The Moon" en "The Phone Call", maar evenwel afgewisseld met een countryrocker, "I Drop Quarters" of een ballad als "Land Of Zydeco". Op zijn tweede cd "Highway of Life" (2005) vinden we meer een weloverwogen mixture van verschillende stijlen zoals: cajun, bluegrass, country en blues die nu zijn muziekstijl bepalen. Deze verschillende muziek stijlen ondersteunen ieder op hun wijze de gezongen teksten in de liedjes van Diamond, in vergelijkbare songs als zijn debuut, als het nummer "Nashville Train", dit in goed evenwicht met rockers als "Dance With The Hurricane" en "Spend A Little Time With Me". "Highway of Life" verhoudt zich tot voorganger "Diamond Dust": minder pakkende composities en expressiviteit, meer warmte en zeker zo persoonlijk. "Highway of Life" en "Diamond Dust" zijn de platen van deze bijzondere cultartiest op het Vettset Music label, met songs die werden opgenomen in de Reveal Audio Services studio's, in Marietta, GA. Met een band die zich losjes een weg pickt en shuffelt door Diamond's zelfgepende songs. Bij Rounder Europe verscheen een compilatie van deze 2 CD's, geen slecht idee trouwens om deze albums op één cd te zetten en voor ons ook wat makkelijker beschikbaar te maken. Deze verzameling is een vermakelijke rootsplaat van Claude Diamond, voorwie ik toch erg veel bewondering heb, een man die na zijn pensionering op 65-jarige leeftijd, de eerste cd opnam en deze een jaar later laat opvolgen door een tweede. Kortom: Deze plaat is goed nieuws voor de liefhebbers van de betere singer-songwriter platen, want deze Claude Diamond is een hele grote. Mooie verhalen, een doorleefde stem en countrymuziek die ook invloeden uit de bluegrass, cajun, blues en rockabilly niet schuwt, het zijn de ingrediënten van een plaat die vooral bij liefhebbers van singer-songwriters als Guy Clarke en John Prine zeer in de smaak zal vallen.



JINX JONES
RUMBLE & TWANG
Website: www.jinxjones.com
www.myspace.com/jinxjones
Info: jinxjones1@yahoo.com
Label: Home Brand Records
www.cdbaby.com/cd/jinxjones2

 

Jinx Jones is nu niet bepaald een ijverig baasje wat opnames betreft, zijn album "License to Twang" (www.cdbaby.com/cd/jinxjones) dateert al van het jaar 2001 en werd enkele jaren geleden nog door ondergetekende onder de loepe genomen. (rev. Dec. '04). Onlangs liet de gitaarvirtuoos uit San Francisco, California ons weten dat hij een nieuw album zou uitbrengen onder de alleszeggende titel "Rumble & Twang" en of wij eventueel interesse hadden voor een nieuwe recensie. Aangezien de man aardig thuis is in het door Rootstime zo geliefd roots/rock/rockabilly wereldje liet het positieve antwoord niet lang op zich wachten. Jinx Jones is een Gretsch fanaat die niet alleen door de gezaghebbende bladen Guitar Player, Vintage Guitar en Blue Suede News op handen gedragen wordt maar in het verleden goed genoeg bevonden werd om spandiensten te verlenen aan ondermeer Chuck Berry en Roy Buchanan. Waardering die blijkbaar wederzijds is want Jones covert naast ondermeer Johnny Horton's "I'm Coming Home", "Baja" van Lee Hazlewood, "Double Talk Baby" (Carroll Gregory) en ook Buchanan's "Messiah Will Come Again" op dit album. Natuurlijk ook een aantal eigen songs waaronder de instrumentals "Flat Gettin' It" en "Street Shark" (met Tony Berthe op sax) die beschouwd kunnen worden als "de" visitekaartjes van zijn Red-Hot Guitar Driven Rockabilly. Maar ook vocaal haalt Jinx Jones een vrij aardig niveau dat zich manifesteert in de rockabilly deuntjes "Either Way I Lose", "Border of Right and Wrong" en "Mr. Right Now". Bassist Joe Kyle, drummer Jamie Lease en Caroline Dahl (with some hell - raisin boogie - woogie piano) vervolledigen het plaatje dat de herinneringen aan de jaren '50 levendig houdt. Liefhebbers van Brian Setzer, Deke Dickerson, the Ventures, Dick Dale, Duke Robillard, Duane Eddy, Chris Spedding, Bill Kirchen, Red Volkaert, Link Wray, en de talloze andere "guitar heroes" hebben er weer een idool bij!