M-IDZOMER DAG 3 @ M-MUSEUM, LEUVEN - 03/08/19

DEZ MONA

Het Leuvense M-IDZOMER viert dit jaar zijn tiende editie en mag, met zijn eigenzinnige aanpak van een mix van muziek en cultuur, fier terugblikken op een prachtig en uniek parcours in de Belgische festivalkringen. Reden genoeg om dit te vieren met een affiche met toppers als onder andere Lamb, Lee Fields & The Expressions, Geike, Heather Nova of Dead Man Ray. Ons oog valt op dag drie waar vooral Dez Mona en Calexico & Iron and Wine onze harten sneller doen slaan.

Dat de formule van M-IDZOMER aanslaat bewijst eens te meer een uitverkochte dag en een boordevolle tuin van het M-Museum, waar het gezellig vertoeven is en je zelfs van je hapje en je drankje kan genieten in de schaduw van het lof van een stoere zomereik. Ook aan de ecologische afdruk werd in Leuven gedacht, door de afvalberg te beperken met inwisselbare drinkbekers, een initiatief dat elke organisator onder de loep zou moeten nemen.

Onder een nog stralende zon mag de charismatische frontman van Dez Mona, Gregory Frateur, het avondprogramma inzetten. Wie dacht dat met het vertrek van spilfiguur en contrabassist Nicolas Rombouts, Dez Mona ter ziele zou gaan heeft het mis. Frateur blijft niet bij de pakken zitten en het resultaat was een diepgaand, maar ook weer aanstekelijk dansbaar en meer poppy klinkend nieuw album “Book Of Many”. De troepen worden vandaag nog versterkt door een zeskoppig mannenkoor, het Gone West Choir, een welkom overblijfsel uit Dez Mona's bijdrage aan Gone West, een initiatief van provincie West-Vlaanderen ter nagedachtenis van de Eerste Wereldoorlog, en vormen samen met multi-talent Tom Pintens (Zesde Metaal, Zita Swoon), gitarist Sjoerd Bruil (Sukilove, Black Cassette) en accordeonvirtuoos Roel Van Camp (DAAU) Dez Mona 1.2.

Is het warme weer de oorzaak, maar Dez Mona heeft blijkbaar geen opwarming nodig om in de juiste stemming te geraken. Van bij de eerste noot valt ook de prominente rol op die de accordeon van Roel Van Camp opeist. Het dromerig trippende “Half River Half Man” kabbelt op droef druppelende pianonoten en de snijdende vocalen van Frateur, die theatraal op de tippen van zijn tenen over het podium zweeft, maar het is de melancholische accordeon die deze song recht naar het hart doet schieten. Ook het op piano mijmerende “Skai Blue” haalt zijn ontroering uit de troostende stem van Frateur en de tedere accordeonnoten, om dan naar een emotioneel opwellende stemmenclimax te schieten met de krachtige vocalen van het Gone West Choir. Dikwijls wordt beweerd dat de stem het mooiste instrument is en dat wordt in deze set meermaals bewaarheid door Gregory en het zeskoppig mannenkoor, dat met hun baritonstemmen de droeve oorlogsliederen zoals “Poppies” toch een krachtige bries van hoop en moed door de klaprozenvelden laat waaien. Ook het dramatische “Darkest Hour” deelt hierin, dat neerbuigend in Balkandroefheid baadt, maar zijn positieve kracht weet te vinden in het mantraïsch repetitief gezongen “Home At Last” en enkele flitsende accordeonnoten, die de toeslaande weemoed proberen te verjagen. “Lament” giert dan weer angstig door je keel met donkere gitaarnoten van Sjoerd Bruil, terwijl het er in “High Up The Sky” extreem vrolijk en dansbaar aan toegaat: Zo word je onvermijdelijk met elke song meegesleurd, nog versterkt door een frontman die dit alles extra accentueert met theatrale gebaren en danspasjes en zo iedereen aangegrijpt en op de eerste rij krijgt. Schitterende set van Dez , waar Gregory Frateur met zijn eigen woorden zijn podiumkunsten nog het beste beschrijft: She Picks You Up And Takes You High Up The Sky. Dit gevoel liet ons nooit los tijdens dit prachtoptreden.

Tijd voor de tweede hoofdact van deze zomerse avond, Calexico & Iron and Wine. Oude liefde slijt niet. Bijna vijftien jaar geleden slagen frontmannen Joey Burns van Calexico en Sam Beam van Iron and Wine de handen in elkaar voor een schitterend gezamenlijk project dat op plaat gebundeld wordt als “In The Reins”. De magie is er toen al en de zin om hieraan een verlengstuk te breien zeker, maar drukke, overlappende kalenders staan een vervolg op dit verhaal in de weg. Tot vandaag dus, toen we tot onze grote vreugde hun opvolger “Years To Burn” op de platenspeler mogen leggen. Dat we dit alles dan nog live mogen beleven op deze prachtige locatie overtreft de stoutste dromen. De set die ze vanavond spelen mag je dan ook indrukwekkend noemen en plukt zowel uit de collectie van Iron and Wine als van Calexico als uit hun gezamenlijk project. Hun beider hobby is trouwens elkaars nummers te coveren, weet Sam Beam ons te vertellen. Dit collectief mag je gerust als supergroep catalogeren met hoofdpionnen Joey Burns en Sam Beam, geflankeerd door Calexico leden trompettist Jacob Valenzuela, drummer John Convertino, bassist Sebastian Steinberg en een even virtuoze keyboard-lapsteelspeler.

Sam Beam gaat met fluisterstem van start met een stukje ontroerende countryfolk nostalgie geplukt uit het oude “In The Reins” album, in het over een jeugdliefde bezinnende “Sixteen Maybe Less”, om dan dadelijk alle publieksharten te veroveren met de hartverwarmende meezinger “Father Mountain” uit de nieuwkomer “Years To Burn”, dat uitblinkt in harmonische stemmenpracht van het trio Beam-Burns-Valenzuela. Deze laatste mag zelfs vocaal het heerlijk walsende “He Lays In The Reins” inzetten en blinkt vanavond niet enkel uit als virtuoos trompettist. Ook in het door Sam intiem getokkelde “Follow The Water” laat Jacob je opnieuw meedrijven op stemmenwolkjes. Je zou gaan dromen dat dit sextet voor eeuwig de handen in elkaar slaat en een nieuwe band sticht. Hoewel, nu hebben we de best of both worlds. De indringende teksten en folkrock van Iron and Wine vormen een verrassend, avontuurlijk en afwisselend geheel met de aanstekelijke mix van americana, latin, jazz en desert rock van Calexico. Een eerste geslaagd voorbeeld hiervan krijgen we in het spooky, jazzy en op wervelend keyboard en drammende percussie en bas dreigende “Red Dust”, dat enkel door het uitgesponnen “Bitter Suite”, met unieke, psychedelische trompetklanken van Valenzuela, in virtuositeit wordt overtroffen. Weird shit noemt Sam Beam deze songs maar het publiek krijgt er niet genoeg van, net als van een gouden oudje zoals het vertederend driestemmig gezongen en dromerig op akoestische gitaar getokkelde “Naked As We Came”, dat op het eerste album “Our Endless Numbered Days” van Iron and Wine prijkt. Verrassend horen we Sam Beam vertellen dat zijn eerste Calexico nummer het alternatief bluesy “Glimpse” is uit het album "Spoke" uit 1996, vandaag opgeluisterd met een meesterstukje op keys. Maar er wordt ook dansend met de heupen gewiegd op de Mexicaanse klanken van “Fores Y Tamales” of glimlachend meegeneuried op een tragere, walsende versie van “Years To Burn”, doorkruist met vibrerende tremolo noten uit de elektrische gitaar van Joey Burns en de uiterst subtiel aangeblazen trompet van Jacob Valenzuela.

Na bijna twee uur wordt er een orgelpunt gezet aan deze prachtige reünie met het dromerige folky “Dead Man’s Will”, waar we voor de laatste keer de overheerlijke harmonische zangpartijen mogen bewonderen van de perfect matchende stemmen van Sam, Joey en Jacob. Als laatste wens laat deze titel niets aan de verbeelding over en schitteren de sterren aan de Leuvense hemel nog een beetje helderder aan het hemelfront na dit heerlijke muziekfestijn.

Yvo Zels

Foto's © Yvo Zels


 

 

 


 

Artiest info
Dez Mona  
Calexico & Iron and Wine  

M-IDZOMER, LEUVEN

 

Calexico & Iron and Wine