JOHN BUTLER TRIO @ AB, BRUSSEL - 01/11/18

Allerheiligen is bij uitstek de dag om troost te zoeken in de muziek, die naargelang de luisteraar kan onderdompelen, overspoelen, omzwachtelen of helen. Dat moeten vele troostzoekende zielen hebben gedacht, want het evenement in de grote zaal van de AB was uitverkocht. Uiteraard blijft er daarnaast de grote schare fans die gewoon naar Brussel afreizen omdat zij verzot zijn op de aanstekelijke muziek van het trio met John Butler als drijvende kracht. En dat mag voor hen elke dag van de maand zijn ongeacht het seizoen, ten bewijze waarvan reeds lang voor opening van de deuren er zich een lange rij wachtenden vormde die de gutsende regen trotseerde zonder bescherming of paraplu. Eerder reisde het John Butler Trio trio al meermaals door ons landje. Het weerzien werd dus des te hartelijker. Vooraf had de release van het album ‘Home’ al nieuwsgierig gemaakt naar de Live uitvoeringen. John Butler en zijn trio, ditmaal uitgebreid tot een kwintet, reef de songs aan elkaar als een onweerstaanbare wervelwind, waarbij vooral het drumwerk voor extra vuurwerk zorgde.


Het liep in sneltreinvaart met de carrière van de Australiër, oorspronkelijk van Californië, doch in 1986 naar West-Australië verhuisd. Eind vorige eeuw verkocht hij nog als straatzanger zijn cassettes en debuutalbum ‘Searching For Heritage’ aan omstaanders of voorbijgangers. Maar reeds in 2001 kreeg hij voor zijn ‘Three’ album platina en alle daaropvolgende albums werden bejubeld. Bij elke passage in België geraken de concerttickets op voorhand snel uitverkocht. Als multi-instrumentalist kan hij flexibel omgaan met gitaren, banjo en zelfs drum, allemaal instrumenten die hij in de concertzaal bespeelde. En dan is er nog zijn krachtige stem die zingt over onrecht, eenzaamheid en verlies, maar ook over liefde en ‘Faith’. Ergens in de loop van zijn concert onthulde John Butler ‘the only fight is to save your soul’. Het lijkt erop dat John Butler dit gevecht is aangegaan en erin is geslaagd om zowel zijn integriteit als de kern van zijn energieke muziek te bewaren.

Het duurde echter tot halverwege het concert dat John Butler zich tot het publiek richtte. Eerst was er de magische intro met een suggestieve drum, dat aan het exploderende ‘Wade In The Water’ voorafging, met een drievoudige bekrachtigde drumslag van de andere bandleden. Of de afbeelding van de mythische vogel in het decor, af en toe oplichtend in het duister, nu een Peyote Bird was, een Thunderbird of een Droomvogel, het werd in alle opzichten een magisch concert, waarbij gitaren, het drumwerk, bas en synthesizer een betoverende soms bezwerende sfeer creëerden die af en toe bij het publiek een uitzinnig applaus ontlokte. De slidegitaar van John Butler leek zijn desolaatheid uit te schreeuwen ergens vanop een eenzame bergtop. Het daaropvolgende ‘Tahitian Blue’ dartelde lichtvoetiger weg als op een zandtapijt van reggae ritmes. Het waren alvast twee songs uit zijn laatste ‘Home’ album, waaruit hij er nog verschillende zou kiezen, zoals o.m. het fascinerende ‘Running Away’, waarin demonen de zanger lijken op te jagen, mede opgestuwd door het drumwerk.

Naast songs uit zijn recent album bracht hij ook hits uit vorige albums zoals ‘Betterman’ met slidegitaar of het op gejuich onthaalde countryachtige ‘Better Than’ op de ritmes van banjo en contrabas, waarbij hij als een jong veulen overheen het podium danste als in een bevrijdende choreografie. Het was een van de vele hoogtepunten en toen moesten nog hits volgen als het huiveringwekkend mooie ‘Pickapart’ en zijn ‘masterpeace’ ‘Ocean’, waarbij hij als gevangen in de lichtkegel zijn virtuoos gitaarspel uit het instrument toverde, een kunst dat zelfs de meest professionele gitaristen al versteld deed staan. Af en toe strooide hij met wijsheden over wat geluk betekent en hoe best alle overvloed en bullshit weg te gooien, zoals facebook, luxe en materiële ballast. In het gevoelvolle ‘Just Call’ vertelde hij over de ontmoeting met zijn partner en onthulde hij liefdevolle confidenties over hun relatie. In ‘Faith’ rebelleerde hij tegen alles wat naties, religies, sekses en mensen kan scheiden al ging deze boodschap wat verloren tussen alle applaus. Weer stuwden de zware beat en drumslagen de oproep de hoogte in alsof de roffels de hemel wilden bereiken. Bij het woeste ‘Blamed It On Me’ ontpopte Butler zich met zijn verscheurend gitaarwerk als een nazaat van Jimi Hendrix.

Vooral wanneer de muzikanten zich gezamenlijk op het slagwerk uitleefden, eenmaal zelfs met vier tegelijk, hadden de koude rillingen over en onder de huid vrij spel. Bij ‘Home’ kerfde de hunker en het verlangen zich diep in de ziel van de zanger en ondersteunde de junglebeat de onderliggende wanhoop. Na twee uur inventief en gepassioneerd samenspel hadden de bandleden, met Byron Luiters op bas en Grant Gerathy op drums, nog voldoende reserve om het publiek te plezieren met een aantal nummers als toegift waaronder ‘Funky Tonight’ en het dansbare ‘Zebra’. En toen datzelfde publiek uitgenodigd werd om mee te zingen ging de sound en 'wall of music' als een golfbeweging over de hoofden heen. De cd-verkoop en T-shirts van de sympathieke Australiër ging daarna in grote getale over de toonbank. De echo’s van ‘We Want More’ vulden nog lang daarna de Brusselse straten, met in gedachte zijn strijdbare belijdenis ‘got to believe in love more than I do in hate’, tevens een lyrisch ageren tegen hebzucht, oorlog en veroveringsdrang.

Marcie

Foto's © Yvo Zels

 

 

 

 

 


 

Artiest info
website  
facebook  

AB, BRUSSEL